Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

proportie - (evenredigheid, verhouding)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

portie zn. ‘deel, hoeveelheid’
Mnl. porcie, portie ‘deel, aandeel’ in Jc (God) ben vwe porcie ende v schat ‘Ik ben het u toekomend deel en uw schat’ [1265-70; VMNW], hare porcie ende aendeel van den costen [1439; MNW overliden]; vnnl. porcie, portie ‘hoeveelheid eten’ in tconvents porci ‘de portie eten die het klooster verstrekt’ [1503; MNW], ‘aandeel in te verrichten werk’ in dat elck sijn porcie voldoe [1521; WNT], ‘iemand toekomend deel van een bedrag’ in de portie van gelde [1535; WNT], ‘onbepaalde hoeveelheid, partij’ in een portie porceleinen ‘een partij porselein’ [1623; WNT], een maegere portie [1648; WNT].
Ontleend, zowel via Frans portion ‘portie eten’ [13e eeuw; TLF], ouder ook al porcïon ‘deel’ [1226-27; TLF], als rechtstreeks, aan Latijn portiō (genitief -iōnis) ‘deel, aandeel’, een woord dat via de vaste verbinding prō portiōne ‘naar verhouding’ < prō *partiōne de overgebleven variant is van een verdwenen zn. *partiō ‘verdeling, onderverdeling’, verwant met pars (genitief partis) ‘deel’, zie → part. Voor prō portiōne zie ook hieronder.
proportie ‘evenredigheid, verhouding; afmeting’. Mnl. proporcie ‘verhouding’ in mengyng eniger dyngen van proporcië ‘mengsel van een aantal dingen in de juiste verhouding’ [1477; Teuth.]; vnnl. proporcie ‘verhouding, aandeel, evenredig aandeel’ en nae proporcie ‘naar evenredigheid’ [1599; Kil.], ‘afmeting’ in schoon van ghedaente ende seer juyst van proportie (ornamenten) ‘mooi om te zien en zeer juist van afmeting’ [1658; WNT]. Ontleend, zowel via Frans proportion ‘evenredige verhouding’ [1370-72; TLF], ‘verhouding in afmetingen’ [1265; TLF], als rechtstreeks aan Latijn prōportiō (genitief -iōnis) ‘verhouding’, een zn. dat ontstaan is uit de oudere verbinding prō portiōne ‘naar verhouding’, zie → pro- en zie hierboven.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

proportie [evenredigheid, verhouding] {proporcie [juiste verhouding] 1477} < frans proportion < latijn proportionem, 4e nv. van proportio [evenredigheid, symmetrie], van pro portione, pro [voor, in verhouding tot], portione, 6e nv. van portio [portie, deel].

Thematische woordenboeken

E.J. Dijksterhuis (1939), Vreemde woorden in de wiskunde

Proportie (< Lat. proportio; vert. van Gr. ἀναλογία = evenredigheid; pro = in verhouding tot). Aan Stevin (1548–1620) danken we den term evenredigheid voor proportie en evenredig voor proportionaal.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

proportie evenredigheid, verhouding 1477 [Teuth.] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut