Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

proosdij - (waardigheid van proost)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

proosdij [waardigheid van proost] {proosdie 1296} gevormd van proost1, gelijk abdij van abt.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

proosdij znw., reeds mnl. proosdîe v. naast ouder proo(f)stîe, prōvestîe v. = mhd. brobestîe (nhd. propstei), mnd. provesti(g)e v. “proosdij”. Vervormd naar abdij.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

proosdij v., + Hgd. propstei: van proost met hetz. suffix -ij en verzachting der t, naar abdij: z.d.w.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

proosdij ‘rechtsgebied van een proost’ -> Deens provsti ‘rechtsgebied van een proost’ (uit Nederlands of Nederduits); Noors prosti ‘rechtsgebied van een proost’ (uit Nederlands of Nederduits).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

proosdij waardigheid van proost 1296 [MNW provestie]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut