Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

primaat - (titel van aartsbisschoppen en de paus)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

primaat [geestelijke titel] {primaet [opperkerkvoogd] 1350} < frans primat < latijn primas (2e nv. primatis) [aanzienlijk(ste), primaat (in kerk)], van primus [eerste] (vgl. primo).

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

primaat ‘titel van aartsbisschoppen en de paus’ -> Indonesisch primat ‘titel van aartsbisschoppen en de paus’.

primaat ‘orde van zoogdieren’ -> Indonesisch primat ‘orde van zoogdieren’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

primaat titel van aartsbisschoppen en de paus 1350 [MNW] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut