Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

poezen - (plassen, blazen, zoenen)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

poezen* [plassen, blazen, zoenen] {poesen [zoenen] 1573; de betekenis ‘blazen’ 1858; de betekenis ‘plassen’ 1871} vgl. engels buss [zoen], hoogduits pausen, bausen, zuidduits Busserl [zoen, kus], van een stam met de betekenis ‘zwellen’, die we terugvinden in puist, iers bus [lip] (vgl. Assepoester).

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut