Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

pocheren - (gaar maken beneden het kookpunt of eieren zonder schaal koken)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

pocheren [gaar maken beneden het kookpunt] {1926-1950} < frans pocher [idem], van poche [zak, buidel] (vgl. pochet); pocheren wil zeggen iets opblazen als een zak.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

posjeer: (hoofs. boekw. ter vert. v. Eng. poached egg, d.w.s. in water gekookte eier, ook bek. as kalfsoog); Ndl. pocheren uit Fr. pocher, “laat stol”.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

pocheren ‘gaar maken beneden het kookpunt; eieren zonder schaal koken’ -> Indonesisch posir ‘eieren zonder schaal koken’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

pocheren gaar maken beneden het kookpunt of eieren zonder schaal koken 1950 [GVD] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut