Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

pluksel - (wat geplukt is)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

plukken ww. ‘lostrekken; ontdoen van veren’
Mnl. plocken, plucken ‘lostrekken’ [1240; Bern.], .i. gans. rou. ghepluckt an .i. spit ‘een gans, rauw, geplukt aan een spit’ [1266-68; VMNW], Die lilibloemen sonder schade heft si geplukt ‘de lelies heeft ze zonder ze te beschadigen geplukt’ [1265-70; VMNW].
Wrsch. een vroege ontlening aan vulgair Latijn *piluccare ‘uitpluizen, pellen, plukken’ (waaruit o.a. Italiaans piluccare, Catalaans pellucar, Oudfrans peluchier > Nieuwfrans éplucher), dat zelf een frequentatief is van klassiek Latijn pilāre ‘ontharen, plukken’, afleiding van pilus ‘haar’, zie → pool 2. Het betreft dan een van de vele woorden op het gebied van de land- en tuinbouw die uit het Latijn zijn overgenomen, zoals bijv. ook → kers.
pluk zn. ‘bundeltje; het plukken; oogst’. Mnl. eyn plock wollen off anders hairs ‘een pluk wolhaar of ander haar’, sneeploc ‘sneeuwvlok’ [beide 1477; Teuth.]; vnnl. pluck ‘het plukken’ [1618; iWNT]; nnl. ‘oogst’ in Myn boom-gaerd is met ryken pluk behangen [1805; iWNT]. Afleiding van plukken. ♦ pluksel zn. ‘linnen of katoen tot draden uitgehaald’. Vnnl. Plucksel van lijn waet ‘pluksel van linnen’ [1573; Thes.], ‘het geplukte’ [1599; Kil.]. Afleiding met het achtervoegsel → -sel van plukken.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut