Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

plezier - (pret, vermaak, genot)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

plezier zn. ‘pret, vermaak, genot’
Vnnl. playsir ‘vermaak, genoegen’ [1574; Kil.], het geen zy plaisier noemt ‘wat zij vermaak noemt’ [1582; WNT zucht II]; nnl. plezier in al zyn plezier was ... ‘zijn hele genoegen was erin gelegen ...’ [1788; WNT voorst I].
Ontleend aan Frans plaisir ‘genoegen, genot’ [1349; TLF], eerder al ‘wens, verlangen’ [ca. 1100; TLF], zelfstandig gebruik van het Oudfranse ww. plaisir ‘behagen, aangenaam zijn’ [ca. 1050; TLF], zie → plezant.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

plezier [genoegen] {playsir 1574} < frans plaisir, een als zn. gebruikte onbepaalde wijs < latijn placēre [behagen, bevallen].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

pleizier znw. o., sedert Kiliaen playsir (vlaams) < fra. plaisir eig. het oude ww. < lat. plăcēre ‘behagenʼ.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

pleizier znw. o., sedert Kil.: “playsir. Gal., Flandr.”. Uit fr. plaisir (bij plaire, zie plasdank). Mnl. reeds plasant, plaisant “aangenaam”. Zoowel ’t bnw. als ’t znw. zijn ook in ’t Eng. ontleend.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

plezeer (zn.) plezier; Sermoen euver de Weurd (18e eeuw) plaiseer, Nuinederlands playsir <1574> < Frans plaisir.

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

plesier s.nw.
1. Gevoel van welbehae en vreugde. 2. Jolyt, vermaak, genot.
Uit Ndl. plezier (1574 in die vorm playsir in bet. 1, 1583 in die vorm plaisier in bet. 2). Reeds in Mnl. as b.nw. plasant en plaisant 'aangenaam'.
Ndl. plezier uit Fr. plaisir, oorspr. 'n ww. maar sedert die 12de eeu 'n s.nw., uit Latyn placere 'behaag'.

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetensckap en Kuns

plesier: genot, vreugde; Ndl. plezier/pleizier (Kil noem playsir Vl.), soos Eng. pleasure, via Fr. plaisir uit Lat. placēre, “behaag”; by Trig plasier, mntl. vir plaisier (lRo T DLT 257).

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

plezier (Frans plaisir)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

plezier ‘genoegen’ -> Fries plezier ‘genoegen’; Ewe plasî ‘genoegen’; Gã plasie ‘genoegen’; Twi prasî ‘genoegen’; Indonesisch lesir, pelesir ‘genoegen, amusement; een uitstapje maken, picknicken’; Ambons-Maleis palsir ‘genoegen’; Jakartaans-Maleis pelesir, plesir ‘genoegen’; Javaans plesir, plesiran ‘uitstapje, tochtje maken’; Kupang-Maleis pelsir ‘genoegen’; Madoerees palēssīr, bāsiyar, apalēssīr ‘wandelen, rijden, toeren’; Menadonees pelsir ‘genoegen’; Soendanees pĕlĕsir ‘voor zijn plezier uitgaan’; Ternataans-Maleis pelsir ‘genoegen’; Negerhollands plesir, plaisi, plesi, plesier ‘verheugd, genoegen, blij, tevreden, aangenaam, lekker’; Berbice-Nederlands plesiri ‘genoegen’; Papiaments pleizí (ouder: plezier, pleizier) ‘genoegen, vermaak’; Sranantongo prisiri (ouder: plessiri) ‘pret, genot, vrolijkheid, lust, genoegen’; Saramakkaans piizíi ‘plezier (hebben)’; Surinaams-Javaans persiri, plesiri, presiri ‘leuk, gezellig; leuk vinden, pret maken, zich prettig voelen’ .

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

plezier genoegen 1574 [Toll.] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut