Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

plenair - (voltallig, in ieders aanwezigheid)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

plenair bn. ‘voltallig, in ieders aanwezigheid’
Nnl. plenair ‘volledig, voltallig’ in op ... éclatante en plenaire wijze is geprocedeerd ‘op afdoende wijze is opgetreden’ [1781; iWNT éclatant], plenair congres, plenaire vergadering, plenaire zitting [1886; Kramers].
Pseudo-Franse ontlening aan christelijk Latijn plenarius ‘volledig, geheel’, naar het model van Franse woorden als primair, secundair enz. Het Franse equivalent is plénier. Het Latijnse woord is afgeleid van plēnus ‘vol’, zie → vol.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

plenair [voltallig] {1844} < middeleeuws latijn plenarius [volledig], versterkte vorm van latijn plenus [vol, volledig].

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

plenair voltallig 1844 [WNT] <ME Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut