Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

persoonlijk - (behorend tot een bepaald persoon)

Etymologische (standaard)werken

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

† persoonlijk bnw., reeds later-mnl. in de bet. ‘goed van uiterlijk;’ de tegenw. bet. sedert de 16e eeuw.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

persoonlijk (Duits persönlich)
Hosted by Meertens Instituut