Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

pepel - (vlinder)

Etymologische (standaard)werken

H. Beelen en N. van der Sijs, ‘Woordsprong’, serie in: Onze Taal 2013-2018

Vlindervangerij

“Nooit gaat er een dag voorbij / Zonder vlindervangerij”, rijmde J.A.A. Gouverneur in 1858. In Gouverneurs Reizen en avonturen van mijnheer Prikkebeen doet de titelheld niets liever dan vlinders in zijn netje vangen. Na diverse omzwervingen belandt Prikkebeen in Amerika, het mekka van de vlindervanger, “het echt kapellenland”. De oude vlindernaam kapel verwijst waarschijnlijk naar het feit dat een vlinder zich beweegt als een fladderend manteltje, in het Latijn een capella geheten.
Etymologisch gezien is het ook in onze taal goed vlinders vangen: er bestaan veel, vaak intrigerende, dialectnamen voor de vlinder. De allereerste kaart waarop de namen voor een en hetzelfde begrip in ons taalgebied zijn getekend, was gewijd aan de vlinder; Jos Schrijnen tekende in 1917 de verbreiding van vlindernamen in Zuidoost-Nederland. Het meest verbreid zijn snuffel, zomervogel en pannevogel, eigenlijk ‘purperkleurige vogel’. Latere vlinderbenamingskaarten zijn te vinden in de Kaartenbank van het Meertens Instituut (www.meertenskaartenbank.nl).
De herkomst van het woord vlinder ligt in het duister. Misschien is het een afleiding van een oud werkwoord, vlinderen, dat ‘fladderen’ betekent. “’t geldeken moet dan al elders vlinderen”, wordt er gezegd in een zestiende-eeuws toneelstuk: het geldje moet dan allemaal wegfladderen. Maar wellicht is er ook een samenhang met het woord flinter (‘dun metaalblaadje’), gezien de flinterdunne vleugels van de vlinder.

Paviljoen
De dialectnaam pepel is wellicht al in de Romeinse tijd ontleend aan het Latijnse woord voor vlinder: papilio. In het Frans is dit papillon geworden. Papillon is in het Frans ook een schertsende benaming voor een parkeerbon. Die wordt immers onder de ruitenwisser bevestigd, die op het lange dunne lichaam van een vlinder lijkt als de bon in de wind flappert. Ook een vleugelmoer wordt in het Frans als papillon aangeduid, eveneens op basis van vormovereenkomst.
Het Nederlandse woord paviljoen (‘buitenverblijf, ziekenhuisgebouw’) heeft indirect met vlinders te maken. Het woord is ontleend aan het Franse pavillon (‘gebouw in een park’). Deze betekenis heeft zich ontwikkeld uit de oudere betekenis ‘tent, baldakijn’. Etymologisch gezien zijn de Franse woorden pavillon en papillon identiek. Het opengeslagen tentdoek en de baldakijnen deden denken aan de vleugels van een vlinder.
De meervoudsvorm farfalle van het Italiaanse woord voor vlinder, farfalla, is in het Nederlands als leenwoord overgenomen in de betekenis ‘pasta in de vorm van vlinders’. We spreken ook wel van strikjes. De samenstellingen vlinderdas (‘strikje dat op een overhemd gedragen wordt’) en vlinderslag (‘zwemslag waarbij men de armen gelijktijdig door de lucht naar voren brengt’) danken hun bestaan aan de gelijkenis met het uiterlijk dan wel de manier van vliegen van de vlinder.

Vlinderkus
“Leg je gezicht tegen een wang of een buik of een stuk huid waar je goed bij kunt en laat je partner voelen hoe je je wimpers zacht laat trillen.” Zo wordt op een voorlichtingssite voor jongeren uitgelegd hoe je een ‘vlinderkus’ geeft. De benaming van deze subtiele liefkozing berust op een gelijkenis: bij het geven van een vlinderkus doe je met je wimpers de vleugelslag van een vlinder na. Vlinders in je buik is een aan het Engels ontleende metafoor voor het trillerige gevoel in de ingewanden dat vooral bij verliefdheid optreedt. Minder teder is het sportieve credo van Mohammed Ali, de legendarische bokser met de lichte voeten en de linker mokerslag: “Ik zweef als een vlinder, en steek als een bij.”

Vlinderliefde
In Erik of het klein insectenboek van Godfried Bomans (1941) belandt het jongetje Erik in de wereld van de insecten. Hier maakt hij van nabij de grote liefde mee van een vlinder voor een vlindermeisje. “‘Het is toch niet waar’, dacht hij bij zichzelf, ‘wat ze zeggen over de vlinderliefde. Het is veel ernstiger dan de menschen wel denken. Ik zal dat thuis toch eens zeggen, als ze er weer zoo over praten.’” Het woord vlinderliefde wordt in het alledaags taalgebruik geassocieerd met een oppervlakkige liefde, dit omdat de vlinder van bloem tot bloem fladdert.

Vlindereffect
De term vlindereffect komt uit de chaostheorie. Het vlindereffect wil zeggen dat kleine afwijkingen in uitgangswaarden binnen complexe systemen tot enorme verschillen kunnen leiden. De Amerikaanse meteoroloog-wiskundige Edward Lorenz, die dit effect in de jaren zestig heeft ontdekt, betoogde in 1972 dat een vlinder met een enkele vleugelbeweging een luchtwerveling kan veroorzaken die elders in de wereld tot een orkaan leidt. De pregnante term butterfly effect werd wereldberoemd door de populair-wetenschappelijke bestseller van James Gleick: Chaos. Making a New Science (1987). Via de Nederlandse vertaling Chaos. De derde wetenschappelijke revolutie (1989) raakte het woord vlindereffect verbreid in onze taal. Overigens had Lorenz in publicaties vóór 1972 ter illustratie van zijn ontdekking niet een vlinder genomen, maar een zeemeeuw.
[Hans Beelen en Nicoline van der Sijs (2014), ‘Vlindervangerij’, in: Onze Taal 7/8, 213]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

pepel [vlinder] {1301-1400} < latijn papilio [idem] (vgl. paviljoen, vijfwouter).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

pepel znw. m., zuidnl. voor ‘vlinder’ < lat. papilio. Het woord vinden wij ook in het Saarland (vgl. Schrijnen, De Beiaard 2, 1917, 26 vlgg.).

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

pepel m., Kil. id., uit Lat. papilio = vlinder: z. paviljoen.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

pepel (Zuid-Nederlands) ‘vlinder’ (Latijn papilio)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut