Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

papyrus - (papierplant)

Etymologische (standaard)werken

H. Beelen en N. van der Sijs, ‘Woordsprong’, serie in: Onze Taal 2013-2018

Egyptisch

Wie aan Egypte denkt, denkt aan piramides. Maar waar komt het woord vandaan?
Toen de Grieken de indrukwekkende piramide van Cheops leerden kennen (nadat Alexander de Grote in 332 v.Chr. Egypte had veroverd) gebruikten ze er het woord puramis voor. In het verleden is wel verondersteld dat het teruggaat op het Egyptische pr-m-us (‘hoogte’), maar die etymologie is onbewezen. De Grieken zelf legden een verband met verschillende Griekse woorden: pur (‘vuur’), puros (‘tarwe’) of puramis (‘tarwekoek’). Ze meenden dat de vorm van de piramide gelijkenis vertoont met een brandend vuur, een graanschuur of een tarwekoek. Het blijft speculatie.
Ook het woord sfinx weten we alleen dat het uit het Grieks tot ons is gekomen, hoewel de vroegste afbeeldingen van dit fabeldier met leeuwenkop en vrouwenboezem uit Egypte stammen. Misschien is er een verband met Egyptische sjesep-anch (‘levend beeld’).

Natuur
Zeker is dat het Egyptische rijk andere talige sporen heeft nagelaten. Zo is albast voor wit marmer vernoemd naar de Egyptische stad Alabastron. Albast is, net als andere Egyptische leenwoorden, via andere talen in het Nederlands beland. Meestal is het Egyptische woord eerst in het Grieks geleend, want het Egyptisch stond sinds Alexander de Grote in direct contact met het Grieks, dat de bestuurstaal werd in Egypte. Na de inlijving van Egypte door de Romeinen in 30 v. Chr. bleef het Grieks de meestgebruikte schrijftaal. De Egyptisch/Griekse leenwoorden werden nu ook overgenomen in het Latijn, en via die route zijn de leenwoorden uiteindelijk in het Nederlands beland. Door de Griekse invloed op het Egyptisch veranderde die taal zodanig dat hij vanaf de derde eeuw Koptisch wordt genoemd. Dat Koptisch werd tot in de 15de eeuw gesproken, en is tot op heden de liturgische taal in de Koptische kerk.
Namen van verschillende Egyptische dieren en planten hebben we aldus via het Latijn en Grieks leren kennen, zoals ibis (de vogel), lelie en ebbenhout. Andijvie is eigenlijk een in februari geoogste plant: het woord gaat waarschijnlijk terug op het Koptische ṭūba (‘februari’), hoewel er ook andere verklaringen in omloop zijn. Gummi voor ‘Arabische gom’ gaat terug op Egyptische kmj-t (‘hars, kleverig plantensap’). In de negentiende eeuw heeft het Nederlands ook het Egyptische woord oase voor een vruchtbare plek in de woestijn leren kennen, via uit het Duits vertaalde reisbeschrijvingen

Farao
Het woord chemie is ontleend aan het Grieks; daarin betekende het waarschijnlijk oorspronkelijk ‘Egyptische kunst’. Het woord is dan afgeleid van de naam voor Egypte die in het Koptisch kēmi, ‘zwart (land)’, luidde; Egypte werd het zwarte, oftewel vruchtbare, land genoemd, tegenover de omringende bleke woestijn.
Een andere ontleningsweg heeft farao gevolgd. Dit woord is via de Bijbel bekend geworden: het Hebreeuws heeft het geleend uit Egyptisch per’aa of praa (‘paleis’, letterlijk ‘groot huis’). Vervolgens werd het woord gebruikt voor de bewoner van het paleis, de farao. In het Egyptisch werden klinkers niet geschreven, net als in het Arabisch. Daardoor weten we vaak niet precies welke klinkers in een woord hebben gestaan. Het woord farao vinden we waarschijnlijk ook terug in papyrus en in het via het Frans ontleende papier: papyrus is de naam voor de plant waarvan de Egyptenaren al duizenden jaren voor Christus beschrijfbaar materiaal maakten. De naam gaat terug op pa-per-aa ‘wat tot de farao behoort’: de farao had in het oude Egypte het monopolie op het bereiden van papier.

Hiërogliefen
Al met al is de Egyptische erfenis maar klein. Tekenend voor de betrekkelijk geringe invloed van het Egyptisch is dat zelfs het woord voor de Egyptische schrifttekens, hiërogliefen, uit het Grieks stamt. De kerkvader Clemens van Alexandrië gebruikte dit woord, dat letterlijk ‘heilige groeven’ betekent , al in de tweede eeuw na Chr. Pas nadat Jean-François Champollion het schrift met behulp van de meertalige steen van Rosetta had ontcijferd, raakte het woord bekend in andere talen.
Intussen is het belangrijkste dat we van de Egyptenaren hebben geërfd nog niet vermeld: de tamme kat. Maar waar zijn naam vandaan komt, is onzeker. De bronnen zwijgen – als een sfinx.
[Hans Beelen en Nicoline van der Sijs (2016), ‘Egyptisch’, in: Onze Taal 6, 24.]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

papyrus [papierplant] {1778} < latijn papyrus (vgl. papier).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

papirus s.nw.
1. Plant waarvan die antieke Egiptenare 'n soort papier gemaak het. 2. Skryfmateriaal uit papirus (papirus 1) vervaardig.
Uit Ndl. papyrus (1778).
Ndl. papyrus uit Latyn papyrus 'plant waarvan die antieke Egiptenare 'n soort papier gemaak het'.
Vgl. papier.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

papyrus (Latijn papyrus)

C.A. Backer (1936), Verklarend woordenboek van wetenschappelijke plantennamen

Papýrus Willd. [K. L. Willdenow] / papýrus, - Lat. transcr. van Gr. papūros, naam der biesachtige (niet rietachtige; papyrus-riet is nonsens) plant (Cypērus papȳrus L. [C. Linnaeus]), uit welker dik, wit merg de Oude Egyptenaren papier bereidden, dat later, tengevolge van de uitvinding van het perkament, in onbruik geraakte. Dit op Java wel als sierplant gekweekt gewas, leverde voor eenige tientallen eeuwen het materiaal voor het kistje, waarin Mozes te vondeling werd gelegd. Vgl. Exŏdus II, 3: “Doch als sy hem niet langer verbergen en konde, soo nam sy voor hem een kiste van biesen, ende bepecktese met lijm, ende met peck, ende sy leide het knechtken daer in, ende leydese in de biesen, aen den oever der riviere.”

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

papyrus ‘papierplant’ -> Indonesisch papirus ‘papierplant’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

papyrus papierplant 1778 [WNT] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut