Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

orchidee - (plant uit de familie der Orchidaceae)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

orchidee zn. ‘plant uit de familie der Orchidaceae
Nnl. orchidee ‘zekere plant’ in orchideën “orchis-achtige gewassen” [1847; Kramers], tropische orchideeën [1866; WNT valsch].
Ontleend aan wetenschappelijk Latijn orchideae, orchidacea ‘orchideeën, orchideeachtigen’, de door Linnaeus bedachte wetenschappelijk naam van de plantenfamilie. Linnaeus baseerde deze naam op Latijn orchis ‘soort orchidee’, ontleend aan Grieks órkhis ‘orchidee’, letterlijk ‘testikel, teelbal’, zo genoemd naar de dubbele wortelknol.
Grieks órkhis is verwant met: Avestisch ərəzi- ‘testikels, balzak’; Litouws er̃žilas ‘hengst’; Middeliers uirgge ‘testikels’; Armeens orj-ik' ‘id.’; Albanees herdhë ‘teelbal’; bij de wortel pie. *h3erǵh- (IEW 782).
De Zweedse bioloog Carolus Linnaeus (1707-1778) en zijn tijdgenoten gingen er ten onrechte van uit dat de stam van Latijn orchis een -d- bevatte, dat dus bijv. de genitief *orchidis luidde, en hij vormde op basis daarvan zijn meervoud orchideae ‘orchissen’ en de afleiding orchidaceae ‘orchisachtigen’, een van de grootste plantenfamilies op aarde, met naar schatting 20.000 soorten. In het Nederlands komt al eerder het woord orchis voor [1608; WNT orchidee], dat nog steeds de naam is van een geslacht uit de familie der Orchidaceae, maar ook wel gebruikt wordt als synoniem van orchidee.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

orchidee [plant] {1879} < modern latijn orchidea, gevormd van latijn orchis (2e nv. orchis) < grieks orchis (2e nv. orchios orcheōs) [testikel, en dan plant met testikelachtige wortelknollen]; de d is ingevoegd omdat de moderne naamgevers ten onrechte meenden dat de 2e nv. van orchis orchidis was. Vgl. voor de betekenis salep, papenkullekens.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

orchidee znw. v. plantnaam < lat. orchideae, een onjuiste afl. van gr. lat. orchis; de plant met de bolvormige wortels werd genoemd naar órchis ‘teelbal’.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

orgidee s.nw.
Enigeen van 'n groot groep tropiese plante met mooi blomme.
Uit Ndl. orchidee (1847).
Ndl. orchidee uit Latyn orchidea, gevorm van orchis, met lg. uit Grieks orchis 'testikel'. Die plant word so genoem n.a.v. die tweetal testikelagtige bolle en vlesige stam. Die invoeging van die d kan toegeskryf word daaraan dat die moderne naamgewers verkeerdelik aangeneem het dat die genitief van orchis orchidis moet wees.
D. Orchidee (18de eeu), Eng. orchid.

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

Orchidee’ënfamilie (de), (AN) plantenfamilie die alle orchideeën omvat (Orchidaceae).

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

orgidee: versk. blomme (spp. Disa, spp. Mystacidium filicorne, spp. Satyrium, ens., fam. Orchidaceae); Ndl. orchidee, Eng. orchid, hou verb. m. Lat. orchis, Gr. orχis, “testiculus” (dim. v. testis) n.a.v. vorm v. tweetal bolle m. vlesige stam daarby.

Thematische woordenboeken

W. Deconinck (2019), Plantennamen nader toegelicht, Kortrijk.

orchideeën
Brede wespenorchis | Epipactis helleborine (L.) Crantz
Grote keverorchis | Listera ovata (L.) R. Brown
Gevlekte orchis | Dactylorhiza maculata (L.) Soó

Orchidee en het woord orchis in de Nederlandse naam van planten van de orchideeënfamilie verwijzen naar het Griekse woord orchis dat teelbal betekent. De wortels van sommige orchideeën dragen twee wortelknolletjes die op twee teelballen lijken en dat gaf de aanleiding tot de naam orchidee. Dodoens (1644) gaf bepaalde orchideeën zelfs de naam Hondts-kullekens, waarin kullekens, in het enkelvoud kul, een Middelnederlands woord voor teelballen is. In oudere teksten vindt men ook Vossen cullen en Wolfs cullen. Dat die gelijkenis tot de verbeelding sprak is niet te verwonderen. In Den Herbarius in Dyetsche, een kruidenboek dat dateert uit ongeveer 1500, staat hoe die wortels met de knolletjes gebruikt kunnen worden: “Die vrouwen in ytalien gheven dees wortel ghebroken met gheyten melck om oncuysheit te berueren [geslachtsgemeenschap opwekken].

De bloemen van de orchideeën van het geslacht Wespenorchis (Epipactis), waartoe de Brede wespenorchis behoort, worden dikwijls bezocht door wespen en daarmee is de naam Wespenorchis verklaard. Brede in de naam verwijst naar de relatief brede bladeren van de plant. Bij de Grote keverorchis wordt kruisbestuiving teweeggebracht door kleine insecten, zoals bijen, kleine wespen en ook door bijvoorbeeld de Weekschildkever of Soldaatje (Cantharis pallida Goeze). Dit bloembezoek door kevers gaf aanleiding tot de naam van die orchidee. De bladeren van de Gevlekte orchis zijn zwartbruin gevlekt, vandaar de naam.

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

orchidee (modern Latijn orchidea, van Latijn orchis)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

orchidee ‘plant’ -> Indonesisch orsidé ‘plant’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

orchidee plant 1847 [KKU] <modern Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut