Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

opzetten - (de huid van dode dieren opvullen om ze te bewaren in de vorm die het dier bij het leven had)

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

op’zetten, spel bestaande in een afspraak tussen twee (soms meer) personen om steeds iets hetzelfde te hebben; wie het niet heeft, verliest een punt. Bijv. ’opzetten voor groen’ betekent dat de spelers altijd iets groens bij zich moeten hebben.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

opzetten ‘de huid van dode dieren opvullen om ze te bewaren in de vorm die het dier bij het leven had’ -> Indonesisch opsét ‘de huid van dode dieren opvullen om ze te bewaren in de vorm die het dier bij het leven had’.

Idioomwoordenboeken

F.A. Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, drie delen, 4e druk, Zutphen

1114. Een (groote) keel opzetten,

d.i. hard beginnen te schreeuwen; vgl. Vondel VIII, 586: De mackers volgen hem al roepende, en elck zette een keel op; Halma, 258: Eene groote keel opzetten, hard schreeuwen, crier bien fort, waarin opzetten de beteekenis heeft van openzetten, openen; Harreb. I, 390; Afrik. een keel opset; vgl. 18de eeuw: eene keel of een bakkes openzetten, vervaarlijk schreeuwen; Teirl. II, 124: de keel opezetten, de keel openzetten, zeer hard schreeuwen; een keel opzetten als een mager varken (in Nkr. III, 1 Mei p. 2) en de bij Sewel, 610 vermelde zegswijze ‘een leelyke mond opzetten, iemand leelyk toesnaauwen’. Syn. was in de 17de eeuw een keel, een klok opsteken. Thans ook een wafel opzetten of opscheuren; vgl. Nkr. II, 11 Oct. p. 2: Voor wat staat ie op z'n achterste pooten en zet ie zoo'n wafel op? Eng. to set up one's throat.

1285. Iemand eene kroon opzetten,

d.w.z. iemand eer bewijzen; mnl. enen crone spannen, eig. iemand een krans op het hoofd zetten; zie no. 1284. Vgl. hiermede het 17de-eeuwsche iemand een leelijken hoed (= krans) opzetten, d.i. schande aandoen; Halma, 292: iemand eene kroon opzetten, iemand prijzen, verheffen; Tuinman II, 65: Gij zet my een schoone (ironisch) kroon op 't hoofdVgl. Jan Klaasz, vs. 215., gij doet mij schande, oneer aan; fri. immen in kroan opsette (of op 'e kop sette), schande aandoen. Vgl. bekronen, beloonen.

1539. Een grooten mond opzetten (of opendoen),

d.w.z. brutaal, ongepast zijn; eig. den mond wijd openzetten om te schreeuwen; fr. engueuler qqn, attaquer qqn par des injures grossières; een groote smoel opzetten (Slop, 42); een keel opzetten (De Brune, Bank. I, 342 en no. 1114); een bakkes openzetten (C. Wildsch. IV, 389); vgl. Tuinman I, 229: Hij zet een mond op als een oven; en bl. 197: Zy doen een mond op als een hooischuur (zie Coster, 529); Goeree en Overflakkee: een smoel als een mendeur; het fri. hja het in bek as in opskoerde toffel, as in brivebos, as de sé; in de 17de eeuw den mont opendoen oftmer een broeck in sou spoelen (zie Ndl. Wdb. III, 1471); in Twente: nen bek opzetten as ne oenderdeure; in Brab. een schuurpoort openzetten; bij Tuerlinckx, 602: een strot openzetten; bij Harreb. I, 45: zij heeft een bek als een schuurdeur; een pij (hebr. peh, mond) opzetten (Twee W.B. 126).

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal