Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

opticien - (oogmeetkundige, maker en verkoper van brillen)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

opticien zn. ‘oogmeetkundige, maker en verkoper van brillen’
Nnl. opticien ‘oogmeetkundige, verkoper van brillen’ [1880; Groene Amsterdammer], ‘handelaar in optische instrumenten’ [1903; Groene Amsterdammer].
Ontleend aan Frans opticien ‘maker van optische instrumenten’ [1765; TLF], eerder al ‘deskundige in de optica’ [ca. 1640; TLF], een afleiding met het achtervoegsel -ien < Latijn -iānus ‘zijnde, behorende bij’, zie → christen, van middeleeuws Latijn optica ‘wetenschap van lichtverschijnselen en zien’, zie → optiek.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

opticien [brillenmaker] {1897} < frans opticien, in de 17e eeuw afgeleid van optique [optica, optiek] < grieks optikos [m.b.t. het zien] (vgl. optisch).

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

opticien (Frans opticien)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

opticien ‘brillenmaker’ -> Indonesisch optisién ‘brillenmaker’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

opticien brillenmaker 1897 [KOE] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut