Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

opsouperen - (volledig gebruiken)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

souper zn. ‘(feestelijk) avondmaal’
Nnl. soupé, souper ‘late maaltijd, maaltijd met feest’ in op een prachtig soupée onthaeld [1747; WNT vinding], een bal en soupe ... gegeven [1752; WNT], de tweede dans na het souper [1782; WNT], ook vaak de verkleinvorm, in het Soupéetje was ... eenvoudig [1782; WNT Aanv. maître].
Ontleend aan Frans souper ‘late maaltijd, na toneel of tijdens een feest’ [1830; TLF], eerder al super ‘avondmaaltijd’ [ca. 1140; TLF], sopar ‘id.’ [10e eeuw; TLF], zelfstandig gebruik van het ww. souper, eerder al soper ‘het avondmaal gebruiken’ [10e eeuw; TLF], een afleiding van soupe ‘soep’, zie → soep.
souperen ww. ‘een souper gebruiken’. Nnl. 't avond soupeeren en met de vrienden vrolyk zijn [1760; WNT vroolijk], gesoupeerd en bal gehouden [1770; WNT vinden]. Ontleend aan Frans souper, zie hierboven. ♦ opsouperen ww. ‘opmaken, verbrassen’. Nnl. dat door belastingverlaging het voordelig saldo heel spoedig zou zijn “opgesoupeerd” [1911; NRC], de winsten opgesoupeerd [1912; NRC]. Gevormd uit → op in de betekenis ‘verbruikt’ en souperen ‘de maaltijd gebruiken’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut