Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

ontzetten - (verbijsteren)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

ontzetten* [bevrijden, verbijsteren] {ontsetten [wegzetten, iem. van iets verwijderen, beroven, verwarren, bederven, kwetsen] 1265-1270} van ont- + zetten.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

ontzetten ww., mnl. ontsetten, naast de bet. ‘wegzetten, verwijderen vanʼ ook reeds die van ‘in de war brengenʼ, evenals mnd. entsetten, ohd. intsezzen (nhd. entsetzen); een causatief van oe. onsittan, ohd. intsizzen, got. andsitan ‘bang zijnʼ. Eig. dus ‘uit zijn zitten komenʼ d.w.z. ‘door schrik uit zijn toestand van rust gebracht wordenʼ.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

ontzetten ww. De bet. “van zijn stuk brengen, bang maken” vertoonen al mnl. ontsetten, ohd. intsezzen, mnd. entsetten. Causativum bij ohd. intsizzen, ags. onsittan, got. andsitan “bang zijn”; samenst. van zitten.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

ontzetten o.w., + Hgd. entsetzen: factit. van *ontzitten + Ohd. intsizzen, Go. andsitan = bevreesd zijn, eigenlijk uit zijn zit geraken.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

ontset ww.
1. Van beleëring of aanhouding bevry. 2. Uit 'n amp of posisie verwyder.
Uit Ndl. ontzetten (al Mnl.). Die tweede lid van Ndl. ontzetten, nl. zetten, beteken 'set, laat sit'.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

ontzetten ‘bevrijden, te hulp schieten, redden’ -> Deens undsætte ‘bevrijden, te hulp schieten, redden’ (uit Nederlands of Nederduits); Noors unnsette ‘bevrijden’ (uit Nederlands of Nederduits); Zweeds undsätta ‘bevrijden’ (uit Nederlands of Nederduits).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

ontzetten* verbijsteren 1265-1270 [CG Lut.K]

ontzetten* bevrijden 1285 [CG Rijmb.]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut