Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

ontij - (donkere tijd van de dag)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

ontij zn. ‘donkere tijd van de dag’
Mnl. ontijt ‘ongeschikt moment’ in die ... maecte strijt jegen Karel in ontijt ‘die op een ongeschikt moment tegen Karel streed’ [ca. 1350; MNW], ‘donkere tijd van de dag’ in by nacht ende ontijden ‘als het buiten donker en gevaarlijk is’ [1422; MNW]; vnnl. by onty ‘'s nachts’ [1613; WNT snollen].
Afleiding van → tijd met het voorvoegsel → on-. Omdat het woord veelal voorkwam met buigingsuitgang -e, dus als ontijde, kon in deze vorm de intervocalische -d- wegvallen, waardoor de jongere vorm ontij ontstond, die alleen nog voorkomt in de verbinding bij nacht en ontij ‘in het donker, als men voor onraad moet vrezen’. Zie ook → getij(de) en → hoogtij.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

ontij* [donkere tijd van de dag] {in de persoonsnaam Jhan Ontijt 1292, ontijt [ongeschikte tijd van de dag, waarin het donker is, ongeschikt tijdstip] 1350, ontij 1638} van on- + tijd.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

ontij* donkere tijd van de dag 1638 [WNT]

Idioomwoordenboeken

F.A. Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, drie delen, 4e druk, Zutphen

1597. Bij nacht en ontij (-ontijd),

d.w.z. bij nacht en ongunstigen tijd, mnl. bi nacht ende bi ontide, vooral in ‘dat gedeelte van een etmaal, waarin het donker is en men voor onraad heeft te vreezen.’ Vertaling van nocte intempesta? Vgl. Stallaert II, 282: By (in) ontijde, in een ongelegen oogenblik; Kil. Ontijd, importune, intempestive; Lichte Wigger, 1 r: By avond, by ontij, en 's nachts heel laet; Westerb. III, 479: Een kleyne vogel, die 's nachts by onty (lat. nocte importuna) zit en roept op ouwe schuyren; Hooft, Ged. II, 366: Bij ontijd en bij nacht; Spaan, 34: By nagt en ontyden; Janus, 127; V. Janus, I, 12; Ndl. Wdb. X, 1874; IX, 1415; Joos, 61; Antw. Idiot. 1912: bij nacht en ontijden, op ongewone, moeilijke uren; fri. by nacht en ontiid.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal