Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

onthalen - (ontvangen)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

onthalen ww. ‘ontvangen’
Mnl. onthalen ‘verwelkomen, gastvrij ontvangen’ in den gasten tonthalne ‘de vreemdelingen welkom te heten’ [1236; VMNW], dat si desen seluen here ... onthale met houescher daet met soeter tale ‘dat zij deze ridder beleefd en met vriendelijke woorden moet ontvangen’ [1276-1300; VMNW]; vnnl. Daer ick u op onthael ‘waar ik u op trakteer’ [1650; WNT leengoed].
Afleiding met het voorvoegsel → ont- van het werkwoord → halen ‘bij zich brengen, verkrijgen’. Het voorvoegsel ont- heeft hier de bet. van got. in-, namelijk ‘beginnen’: het onthaal vindt plaats wanneer je iem. in je gezelschap of thuis binnenhaalt.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

onthalen* [trakteren] {1265-1270 in de betekenis ‘weghalen, een getuige bij iets roepen, (feestelijk) inhalen, vriendschappelijk ontvangen’} van ont- + halen.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

onthalen ww., mnl. ‘weghalen; een getuige bij iets halen; feestelijk inhalen, vriendschappelijk ontvangen, behandelenʼ. — Voor de bet. kan men denken aan een samenvloeiing van de voorvoegsels ont- en in- (zoals in ontbranden, ontspringen); de ontvangst geschiedde, doordat men de gast tegemoet ging en hem dan naar de woning ‘inhaaldeʼ.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

onthalen ww. Reeds mnl., ook al in de bet. “vriendelijk ontvangen”. Vgl. voor de bet. lat. ex-cipere “id.”. Mnd. enthālen alleen = “weghalen”.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

1onthaal ww.
1. Gaste feestelik ontvang en trakteer. 2. Vergas.
Uit Ndl. onthalen (al Mnl. in bet. 1, 1655 in bet. 2), 'n afleiding met ont- van halen 'gaan haal, na die huis gelei', mntl. met ont-, soos in Ndl. ontbijten en ontbranden, om die begin van 'n handeling aan te dui. Eerste optekening in Afr. in Patriotwoordeboek (1902).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

onthalen* trakteren 1265-1270 [CG Lut.K]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut