Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

ontgoocheling - (ontnuchtering)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

ontgoocheling [ontnuchtering] {1874} vertalende ontlening aan frans désillusion, van dés- [ont-] + illusion [zinsbedrog].

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

ontgoocheling znw. Later-nnl. vert. van fr. désillusion naar begoocheling: illusion. Hierbij ontgoochelen.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

ontgoocheling (vert. van Frans désillusion)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

ontgoocheling ontnuchtering 1874 [Picarta: titel van A. Rutgers v.d. Loeff] <?

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut