Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

ontgoochelen - (teleurstellen)

Etymologische (standaard)werken

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

ontgoochelen ww. in de 16de eeuw nog ‘afgoochelen, listig afhandig makenʼ. De huidige bet. is beïnvloed door ontgoocheling, een vert. van fra. désillusion evenals begoocheling naar illusion.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

ontgoochelen ww., komt in de bet. “afgoochelen, listig afhandig maken” reeds bij Coornhert voor.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

ontgogel ww. (enigsins verhewe)
Ontnugter.
Uit Ndl. ontgoochelen (1866). Ndl. ontgoochelen in die bet. 'op listige wyse iets verkry' is veel ouer (1630).
In die bet. 'ontnugter' is Ndl. ontgoochelen 'n latere vertaling van Fr. désillusion.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut