Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

ontbijten - (een ochtendmaaltijd nuttigen)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

ontbijten ww. ‘een ochtendmaaltijd nuttigen’
Mnl. untbiten ‘een (lichte) maaltijd nuttigen’ [1240; Bern.], ontbiten ‘id.’ [1265-70; VMNW], ook ‘een stukje eten, iets proeven’ in mar saelt hiet van hem ombiten hi steruet ‘maar als hij er een hap van neemt, sterft hij’ [1287; VMNW]. Dat ic ... No dranc ontbiten noch spise ‘dat ik niets zal drinken of eten’ [1300-25; VMNW], ‘een ochtendmaaltijd nuttigen’ in Daer moechdi allen ... ontbiten smorghens vroe [1470-90; MNW-R].
Afleiding met het voorvoegsel → ont- van het werkwoord Proto-Germaans *bītan- ‘dragen’, zie → bijten.
Os. antbītan; ohd. inbīzan ‘iets eten’ (waarbij het zn. inbīz ‘lichte maaltijd’, nhd. Imbiss); ofri. ombita ‘ontbijten’ (nfri. alleen ombyt zn. ‘ontbijt’); oe. onbītan ‘iets eten van’.
De oorspr. betekenis is algemeen ‘iets ergens van eten’. Sinds het late Middelnederlands wordt het woord vooral geassocieerd met een maaltijd in de vroege ochtend.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

ontbijten* [ochtendmaal eten] {ontbiten, untbiten [een kleinigheid eten, ontbijten] 1201-1250} van ont- + middelnederlands biten [bijten], eig. beginnen te bijten.

P.H. Schröder (1980), Van Aalmoes tot Zwijntjesjager, Baarn

ontbijten

In een beperkt aantal werkwoorden duidt het voorvoegsel ont- aan dat de handeling door het tweede deel van de samenstelling uitgedrukt, gaat beginnen. Zo betekent ontbranden: beginnen te branden; ontgloeien: beginnen te gloeien en ontslapen: beginnen te slapen, sterven.

Ontbijten is dus: beginnen te bijten, even ergens van proeven, ergens een hapje van nemen. Een ontbijt is dus: een lichte maaltijd en was oorspronkelijk niet beperkt tot de maaltijd die men nuttigt na het opstaan. Vandaar dat wat wij nu de koffiemaaltijd noemen of, als we deftig willen doen, de lunch, vroeger: het tweede ontbijt heette. Zo spreken de Fransen van: le petit déjeuner en le déjeuner. Nog tot diep in de 19e eeuw was de term tweede ontbijt in zwang. Men vindt het woord bijvoorbeeld telkens in de romans van Van Lennep. Thans is de betekenis van ontbijt beperkt tot: ochtendmaaltijd.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

ontbijten ‘ochtendmaal eten’ -> Fries ûntbite ‘ochtendmaal eten’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

ontbijten* ochtendmaal eten 1240 [Bern.]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut