Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

nasi - (rijstgerecht)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

nasi zn. ‘rijstgerecht’
Nnl. nassi ‘gekookte rijst’ [1827; Olivier], nasi goreng ‘gerecht van gebakken rijst’ [1914; Van Dale], nasi ‘nasi goreng’ [1992; Van Dale].
Ontleend aan Maleis nasi ‘gekookte rijst’. In gerechtnamen uit Nederlands-Indië kwam dit woord meestal voor in combinatie met een specificerend ander Maleis woord. In Nederland raakte vooral de nasi goreng, letterlijk ‘gebakken rijst’ bekend en populair. In de algemene taal wordt dit vaak verkort tot nasi.
Lit.: J. Olivier (1827-30), Land- en zeetogten in Nederland's Indie, en eenige Britsche etablissementen, gedaan in de jaren 1817 tot 1826, Amsterdam, 32-3a

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

nasi [gekookte rijst] {1886} < maleis nasi [(gekookte) rijst].

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

N. van der Sijs (bezorger) (2003), Uit Oost en West. Verklaring van 1000 woorden uit Nederlands-Indië van P.J. Veth (1889), met aanvullingen van H. Kern en F.P.H. Prick van Wely (1910), Amsterdam. Gebaseerd op: Uit Oost en West. Verklaring van eenige uitheemsche woorden van P.J. Veth uit 1889, recensie van het werk van Veth door H. Kern in De Indische Gids van 1889, en ‘Etymologisch aanhangsel’ (p. 297-350) uit het Viertalig aanvullend Hulpwoordenboek voor Groot-Nederland van Prick van Wely uit 1910

nasi [gekookte rijst]. Maleis nasi. [Zie ook padi.] [P]

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

nasi (Maleis nasi)
Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

Cultuurstelsel [stelsel van koloniaal beheer, waarbij de bevolking verplicht werd bepaalde gewassen te verbouwen] (1830). In 1830 werd in Nederlands-Indië het zogenoemde ‘Cultuurstelsel’ ingevoerd, waarbij inheemse grondeigenaren verplicht werden om twintig procent van hun cultuurgrond te bebouwen met producten voor de Europese markt. Vanaf dat moment gaan de koloniën voor het eerst een ‘batig saldo’ opleveren. De verantwoordelijke ambtenaren krijgen een vorm van provisieloon, de zogenoemde cultuurprocenten, en hebben dus persoonlijk belang bij een zo hoog mogelijke opbrengst. Multatuli stelt dit in 1860 in zijn Max Havelaar aan de kaak. Terwijl de Nederlanders vóór circa 1830 telkens slechts betrekkelijk kort in Indië verbleven en er niet veel vermenging was met de inheemse bevolking, verandert dit in de loop van de negentiende eeuw: de Nederlanders – vooral mannen – blijven langer, gaan samenwonen of trouwen met Indonesische vrouwen en krijgen kinderen bij hen. Steeds meer Indonesiërs kennen Nederlands. In deze periode beginnen de Indonesische leenwoorden het Nederlands binnen te stromen, bijvoorbeeld baboe, beo, branie, desa, gamelan, gladakker, gonje, guttapercha, kali, kassian, klamboe, lombok, mandiën, nasi, negorij, rimboe, sambal, sarong, soesa en toko. In de negentiende eeuw ontstaat ook het Indisch-Nederlands, het Nederlands zoals gebruikt in Indië, met Indonesische leenwoorden en bijzonderheden in uitspraak en grammatica.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

nasi gekookte rijst 1827 [Olivier, Land- en zeetogten in Nederland's Indië, 40a] <Indonesisch

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut