Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

museum - (tentoonstellingsgebouw)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

museum zn. ‘tentoonstellingsgebouw’
Nnl. museum ‘gebouw waarin voorwerpen van kunst of wetenschap zijn uitgestald’ in In 't Leidsche Musaeum heb ik onder bewaring gehad ... [1770; WNT vergruizen], het Britsche Museum [1773; Vad.lett., 123], ook overdrachtelijk in museum der taalvormen ... het woordenboek [1882; WNT].
Ontleend aan Latijn mūsēum ‘academie; studeerkamer, bibliotheek’, dat zelf ontleend is aan Grieks Mouseĩon ‘studeervertrek, bibliotheek, museum’, oorspr. ‘plaats waar de muzen vereerd worden’, een afleiding van Moũsa ‘muze’, zie → muze.
Met museum zijn talloze samenstellingen gevormd, die aanduiden wat de aard van het museum is, zoals schilderijenmuseum, scheepvaartmuseum, onder welke instantie het museum ressorteert, zoals rijksmuseum, gemeentemuseum, of aan wie of wat het museum gewijd is, zoals Domela Nieuwenhuis-Museum.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

museum [tentoonstellingsgebouw] {1770} < latijn museum [verblijfplaats van de muzen] < grieks mouseion [heiligdom van de muzen], van mousa [muze].

P.H. Schröder (1980), Van Aalmoes tot Zwijntjesjager, Baarn

museum

Bij de Grieken betekende mouseion, bij de Romeinen museum: verblijfplaats der Muzen. De Muzen waren de godinnen onder wier hoede de ‘vrije kunsten’ werden beoefend. In het algemeen zijn zij dus de beschermsters van kunsten en wetenschappen. Zij waren de dochters van Zeus, volgens anderen van Hemel en Aarde. De plaats waar de Muzen gediend worden, kan zijn een gebouw, maar ook een bibliotheek of studeervertrek. Die ruime betekenis vindt men thans alleen nog in het woord Leesmuseum. De beperkte betekenis is nu: een gebouw waarin voorwerpen van kunst of wetenschap voor het publiek zijn tentoongesteld. In overeenstemming met de Latijnse oorsprong is het meervoud musea en niet museums. Waarom eigenlijk? Wij zeggen toch ook albums en niet alba. En zelfs agenda’s.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

museum (Latijn museum)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

museum ‘tentoonstellingsgebouw’ -> Indonesisch muséum, musium ‘tentoonstellingsgebouw’; Boeginees musêung ‘tentoonstellingsgebouw’; Jakartaans-Maleis musium ‘tentoonstellingsgebouw’; Madoerees musiyum ‘tentoonstellingsgebouw’; Sranantongo miseiem ‘tentoonstellingsgebouw’ (uit Nederlands of Engels).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

museum tentoonstellingsgebouw 1770 [WNT vergruizen] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut