Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

moederzielalleen - (helemaal alleen)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

moederzielalleen [helemaal alleen] {1793-1796} < hoogduits mutterseelenallein, afgeleid van Mutterseele, dat waarschijnlijk een versterking is van Mutter; opgekomen naast middelnederlands moederene, middelhoogduits muoters eine, fries moerallinne, moederlik allienne.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

moederzielalleen bnw., vgl. nhd. mutterseelenallein (eerst sedert 1809), afgeleid van mutterseele, waarschijnlijk een versterking van mutter. Oudere namen zijn mnl. (al)moederêne, mhd. muoters eine, vgl. fri. moerallinne, moederlik allinne, nhd. mutters eine (> nde. mutters ene). Mogelijk is het woord te beoordelen als moedernaakt, dat immers ‘geheel naakt’ was gaan betekenen; zo was moederalleen ook ‘geheel alleen’.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

moederzielalleen bijw. Evenals nhd. mutterseelen allein opgekomen naast mnl. (al)moederêne, mhd. muoters eine, dat òf als “door zijn moeder verlaten” òf als een syntactisch vrijere samenst. evenals moedernaakt wordt opgevat. ’t Fri. kent moerallinne, moederlik allinne. Uit hd. mutters eine komt de. mutters ene, uit hd. mutterallein zw. moders allena. Ndl. -ziel-, hd. -seelen- kan in ’t woord zijn gekomen onder invloed van geen ziel e.dgl. uitdrr., wellicht ook van een onder invloed van zielsbedroefd e.dgl. opgekomen zielsalleen.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

moederzielalleen bijv., niet saamgesteld met moeder, maar gevormd naar analogie van moedernaakt: vergel. bloedarm, doodarm, enz.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

moederziel alleen (Duits mutterseelenallein)
moederziel alleen (Duits mutterseelenallein)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

moederzielalleen ‘helemaal alleen’ -> Fries moederlik allinne ‘helemaal alleen’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

moederzielalleen helemaal alleen 1793-1796 [WNT] <Duits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal