Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

misschien - (mogeljk, wellicht)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

misschien bw. ‘mogeljk, wellicht’
Mnl. maschien, meschien ‘mogelijk, wellicht’ in degone die meschien noch bi hars selues quatheiden uan desen hus sceden sullen ‘degenen die mogelijk nog door hun eigen verdorvenheid uit dit huis weg zullen gaan’ [1236; VMNW], maschin [1240; Bern.]; vnnl. misscien [1532; iWNT zalf].
Verkorting van (het) mach schien ‘(het) kan gebeuren’, dus met de presensstam (3e persoon enkelvoud) van → mogen en het werkwoord mnl. schien ‘gebeuren’, zie → geschieden. De medeklinkercluster -chsch- werd geassimileerd tot -ssch-; de klinker in de eerste lettergreep is onbeklemtoond en toonde daardoor variatie in de spelling: mnl. mas-, mes- en uiteindelijk mis-, wellicht onder invloed van het homoniem misschien ‘gebeuren (van ongelukkige voorvallen)’, waarin de eerste lettergreep het voorvoegsel → mis- is. De huidige vorm misschien werd pas in de 17e eeuw algemeen en de uitspraak met /mis-/ is een spellinguitspraak.
Vergelijkbare constructie met dezelfde betekenis zijn mnl. machlichte ‘misschien’, letterlijk ‘(het) kan gemakkelijk’ [1287; VMNW] en nnl. (het) kan zijn (dat zonder onderwerp kan voorkomen). In andere talen bijv. Duits es mag sein, Engels maybe (naast verouderd mayhap, mayhappen), Deens måske (met dezelfde etymologie als het Nederlands), Zweeds kanske (uit ‘kan geschieden’), Frans peut-être, Russisch móžet byt'. Leenvertaling uit het Frans (Muller 1920) hoeft dus voor het Nederlandse woord niet aangenomen te worden.
Lit.: J.W. Muller (1920), ‘Over ware en schijnbare gallicismen in het Middelnederlandsch’, in: NTg 14, 1-19 en 65-78, hier 65 en 68

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

misschien* [wellicht] {meschien 1236, machschien 1201-1250, misscien 1384} van middelnederlands mach scien [kan geschieden] (vgl. geschieden), vgl. frans peut-être.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

misschien bijw., mnl. misscien, messcien, masscien, machscien, Teuth. machschyen, mnd. machschen, machschein; de laatste vormen wijzen op de oorsprong uit mag (d.i. ‘kan’ van mogen) en schien (= ‘geschieden’). Men kan vergelijken fra. peut-être en russ. móžet byť.

De i van misschien is bezwaarlijk alleen te verklaren door zijn positie voor het accent; W. de Vries Ts 34, 1915-6, 295 denkt aan invloed van mnl. misselijc, daar in het ouder-nnl. misselijk ook als ‘misschien’ gebruikt wordt.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

misschien bijw., mnl. reeds misscien, met in voortonige syllabe ontstane i, naast messcien, masscien, machscien, ook met ’t vnw. t “het”: tmachscien. = Teuth. machschyen, mnd. machchên, -ein “misschien”. Oorspr. 2 woorden: mach (= “kan”, van mogen) + scien (“geschieden”). Vgl. fr. peut-être, russ. móžet byt' “misschien”. De. maaske, zw. kanske, kanhända “id.” zijn naar mnd. model gemaakt.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

misschien. De i is wellicht te danken aan invloed van mnl. misselijc, dat dicht bij ‘misschien’ staande bett. had. W.de Vries Tschr. 34, 295. Zie misselijk. Ouder-nnl. misselijk komt = ‘misschien’ voor. — Voor de vorming vgl. nog goerees kanbeurǝ: den Eerzamen N.T. 11, 306.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

misschien bijw., Mnl. machschien (d.i. het kan geschieden) + Ndd. machschen, De. maaskee: vergel. Zw. kanske en Fr. peut-être.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

mesjiens (bijw.) misschien; Vreugmiddelnederlands meschien <1236>.

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

miskien bw. Ook, verouderd, maskie en miskie.
Op so 'n wyse dat dit onseker is, of kan of mag wees.
Uit Ndl. misschien 'so dat dit mntl. is' uit Mnl. machscien, 'n samestelling van mach 'mag, kan dalk' en scien 'geskied'. Die Mnl. vorm stem ooreen met die verouderde Afr. wisselvorm maskie.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

misschien (vert. van Frans peut-être)

C.H.Ph. Meijer (1919), Woorden en uitdrukkingen verklaard door Dr. C. H. Ph. Meijer, Amsterdam

Misschien, mnl. miscien, messcien, mascien, machscien, machgescien; oorspronkelijk een bijzin: het mag geschieden, verg. het fra. peut-être. Mogen was vroeger = kunnen, nog te zien in vermogen, macht, vermogend. v.d. Venne, Tafereel v.d. Belach. Wer. IV: “Het soude mach-schien wel hebben kunnen wesen”. Vroeger ook in de bet.: wie weet, b.v. Vondel 9, 172: “Gaet heenen, spreeckt den vorst: misschien wat ghy verwerft”; Camphuyzen, Ps. 27, 11 : “Weest getroost, misschien wat Godt haest doet”. Op dergelijke wijze vindt men mogelijk gebruikt, b.v. Huygens, Daghwerck 1306: “Mog’lick wat ghy van gewicht. . . vindt”.

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Misschien (Mnl. machscien en machgescien) staat voor: ’t mag geschieden, waarin mogen een mogelijkheid aanduidt.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

misschien ‘wellicht’ -> Fries miskien ‘wellicht’; Duits dialect misschien, meschien, maschyn ‘wellicht’; Deens måske ‘wellicht’ (uit Nederlands of Nederduits);? Zweeds kanske ‘wellicht’ (uit Nederlands of Nederduits); Petjoh miskien, mesgien ‘wellicht’; Javindo meschien ‘wellicht’; Berbice-Nederlands miskin ‘wellicht’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

misschien* bijwoord van modaliteit: wellicht 1236 [CG I1, 23]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut