Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

mechanisch - (werktuigkundig, machinaal; werktuigelijk)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

mechanisch bn. ‘werktuigkundig, machinaal; werktuigelijk’
Vnnl. mechanisch ‘fysiek, niet-geestelijk’ in bedevaert-reysigers, die ... de mechanische velden en wildernissen doorwandelen [1682; WNT looper]; nnl. mechanisch ‘betreffende werking, kracht en beweging’ in de mechanische operatie van de geest ‘de werking van het brein’ [1721; WNT Supp. accent], ‘betreffende machines, werkend als een machine’ in mechanische instrumenten [1764; WNT kabinet], ‘wiskundig-werktuigkundig’ in de mechanische wetenschap ‘de mechanica’ [1778; WNT tong], ‘niet-handmatig, aangedreven door machines’ in mechanische graanbrekers [1856; WNT Aanv. graan I], ‘automatisch, zonder wil of bewustzijn’ in reflexwerkingen, die louter mechanisch zijn [1898; WNT zenuw].
Ontleend aan Duits mechanisch [1530; Paul] < Latijn mēchanicus ‘id.’, dat is ontleend aan Grieks mēkhanikós ‘technisch, vindingrijk, betreffende werktuigen’, een afleiding van mēkhanḗ ‘instrument, werktuig’, zie → machine.
mechanisme zn. ‘structuur van een geheel bestaand uit onderdelen; werking’. Nnl. mechanismus ‘mechanische werking’ in een bloot mechanismus of eene kunstmatige nabootsing van de vleugels der vogelen [1835; Ned.mag. 2, 163b], mechanisme ‘id.’ in het mechanisme berust op de beweging van ... [1846-47; WNT lucht I], ‘apparaat’ in de machinale weefstoel ... dit werktuig, een der kunstigste mechanismen ... [1865; WNT zijde II], ‘constructie en werking’ in het mechanisme was bij het klavicimbel een ander [1869; WNT vogel], ‘fysieke werking’ in mechanisme van het ruiken [1921; WNT ruiken], ook overdachtelijk ‘werking’ in het mechanisme van het staatsbestuur en de staatshuishouding [1928; WNT projecteeren]. Ontleend, deels via Frans mecanisme ‘structuur en werking van een geheel’ [1701; TLF], aan Laatlatijn mechanisma ‘geconstrueerd geheel’, gevormd op basis van Grieks mēkhánēma, afleiding van mēkhanãsthai ‘ontwerpen, construeren’, dat zelf weer is afgeleid van mēkhanḗ ‘instrument, werktuig’, zie hierboven.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

mechanisch (Latijn mechanicus of Duits mechanisch)

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Mechanisch (Lat. mechánicus = Gr. μηχανικός (mêchanikós) = tot de werktuigkunde behorend; → mechanica). Met behulp van een werktuig.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut