Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

logen - (met loog behandelen)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

loog zn. ‘sterk basische oplossing’
Mnl. loghe ‘loog, zuiverend vocht’ in make lougen dar mide bade it ‘maak loog en was het daarmee’ [1250; VMNW], loghe ‘oplossing van soda’ [1330; Jacobs 1930].
Mnd. loge ‘loog’; ohd. louga (nhd. Lauge ‘loog’); oe. lēag ‘loog’ (ne. lye); on. laug ‘badwater, warme bron’ (ozw. lögh ‘bad’, nzw. löga (ww.) ‘baden’); < pgm. *laugō- ‘loog’.
Verwant met: Latijn lavāre ‘wassen’; Grieks loúein ‘wassen’; Armeens loganam ‘wassen’; < pie. *leuH- ‘wassen’ (IEW 692).
De huidige betekenis is voortgekomen uit een oudere betekenis ‘wasmiddel’. In het Scandinavisch heeft lögerdag ‘wasdag, baddag’ zich ontwikkeld tot lördag ‘zaterdag’.
logen ww. ‘met loog behandelen’. Vnnl. looghen ‘loog bereiden’ [1599; Kil.], loogen ‘schoonmaken’ [1622; WNT]. Afleiding van het zn. loog.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

† lo[o]gen ww., sedert de 17e eeuw; bij Kil. alleen in de bet. ‘loog bereiden’.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

logen ‘met loog bewerken’ -> Frans † loguer ‘de vormen van suikerbrood bevochtigen door ze in te wrijven met een natgemaakte linnendoek’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut