Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

lido - (strand)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

lido [strand] {1886} naar het Lido van Venetië, een eiland dat deel uitmaakt van de schoorwal < italiaans lido [schoorwal, strand] < latijn litus [strand, kust].

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

lido s.nw.
1. Weelderige strandoord. 2. Openbare opelugswembad wat goed toegerus is.
Uit Eng. lido (1931 in bet. 1 en 2).
Eng. lido na Lido, strandoord naby Venesië in Italië.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut