Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

krommunicatie - (mislukte of slechte communicatie)

Thematische woordenboeken

E. Sanders (2000), Jemig de pemig!: de invloed van Van Kooten en De Bie op het Nederlands, Amsterdam

Krommunicatie

Krommunicatie is een uitvinding van God. Om te voorkomen dat de toren van Babel tot in de hemel zou reiken vond hij de Babylonische spraakverwarring uit. Overigens was Gods reactie nogal voorbarig: de eerste toren van Babel — hij is een paar keer herbouwd — telde zeven verdiepingen en was 91 meter hoog. Maar dit terzijde.

Het woord krommunicatie kwam precies 1975 jaar na Christus tot ons. Het is uitgevonden door Van Kooten en De Bie en debuteerde vrijwel gelijktijdig op televisie en op een langspeelplaat. Op 13 mei 1975 besteedden Heer Kooten en Heer Bie bijna een hele uitzending aan De eerste langspeelplaat van het Simplisties Verbond. Nu zou dat als schaamteloze reclame worden beschouwd, toen was het humoristisch bedoeld.

De eerste zogenoemde simpelpee gaat grotendeels over verschillende vormen van communicatie. Van Kooten en De Bie verzonnen daar allerlei woorden voor die nu nogal melig aandoen, zoals dommunicatie, hommunicatie, kortommunicatie, krommunicatie, mommunicatie, sodommunicatie, verdommunicatie en verstommunicatie. Ook in de televisie-uitzending speelden die woorden de hoofdrol, zij het dat sodommunicatie (‘communicatie aan de pikante tint’) niet meedeed en applommunicatie was toegevoegd. Van Kooten en De Bie toonden filmpjes en videofragmenten om uit te leggen wat ze met al die woorden bedoelden. Zo lieten zij een fragment zien uit een gesprek van journalist Ad Langebent met minister-president Joop den Uyl. Commentaar van de directie van het Simplisties Verbond: ‘Hier is onder het mom van communicatie elk voor zich bezig dat gesprek op punten te winnen.’ Oftewel: mommunicatie.

Bij het begrip krommunicatie werd een fragment getoond van Liesbeth den Uyl in gesprek met werkende jongeren. In de samenvatting van de uitzending heet het ‘ontwijkende antwoorden in versluimerende termen, dit is krommunicatie’. Op de plaat kreeg krommunicatie echter een heel andere definitie. Krommunicatie heet hier, in het Kootiaans: ‘slechts op zo weinig kunnen bogen, dat men grote zwaarwegende indrukbogen moet gaan wekken.’ Vertaald in gewoon Nederlands: ‘communicatie met voorgewende zwaarwichtigheid.’ Een en ander werd verduidelijkt met twee vraaggesprekjes: één met een ronkende vakbondsman (‘wij zullen niet aarzelen om onze zwarte piet hard te maken’) en eentje met een bombastische korpscommandant.

Je zou denken dat krommunicatie net zo snel zou zijn verdwenen als die andere termen, maar dat is niet zo. In kranten en op Internet kom je het nog geregeld tegen. Soms wordt daarbij verwezen naar de makers, maar meestal niet. Aardig is dat krommunicatie inmiddels een heel andere betekenis heeft gekregen. Het wordt kennelijk geassocieerd met krompraten en vrijwel uitsluitend gebruikt voor ‘mislukte communicatie’. Zo meldde een bedrijf dat computercursussen organiseert in 1997 op het Internet: ‘Zoals u weet kon door krommunicatie de cursus voor de zomervakantie geen doorgang vinden.’ En op een discussiepagina van het project Wetenschapsfilosofie voor de Sociale Wetenschappen stond onlangs:

De communicatie tussen mensen wordt voortdurend gekenmerkt door onzekerheid: steeds moet je je afvragen of de ander, degene die naar je luistert, wel doorheeft waar je het over hebt. Heeft hij/zij begrepen wat je wilt zeggen? Of begrijpt hij/zij je niet helemaal? In je hoofd, in je bewustzijn weet je wel wat je wilt zeggen, maar het is ontzettend lastig om dat ook aan een ander door te geven. Communicatie is in die zin krommunicatie: zo dicht mogelijk langs elkaar heen praten en maar hopen dat je wordt begrepen, dat er uitwisseling van ideeën mogelijk is.

Krommunicatie heeft inmiddels verschillende nakomelingen gebaard. Aangetroffen zijn onder meer de samenstelling tele-krommunicatie, de afleiding krommunicator en het werkwoord krommuniceren. Vooral voetbaltrainer Guus Hiddink is hier herhaaldelijk van beticht. Zo kopte het Brabants Dagblad in 1997: ‘Hiddink gaat door met “krommuniceren”’. Ook in andere kranten wordt krommunicatie geregeld in koppen gebruikt. Om onduidelijke redenen gebeurt dat vooral in het zuiden van Nederland. Zo kopte het Dagblad voor Noord-Limburg in 1995 ‘Kade voor Beesel-Ouddorp wordt niet geschrapt — Krommunicatie in Beesel’. Het Dagblad de Limburger volgde in 1996 met ‘Krommunicatie te over in Horst’, en in De Stem, uitgegeven te Breda, stond datzelfde jaar ‘Kop en Munt: Krommunicatie’.

Krommunicatie doolt nu al ruim twintig jaar op eigen kracht in onze taal rond. Voorzover bekend staat het in geen enkel woordenboek, maar dikke kans dat dit binnenkort zal veranderen.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

krommunicatie mislukte of slechte communicatie 1975 [Sanders 1999]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal