Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

kraanvogel - (grote waadvogel (Grus grus))

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

kraanvogel zn. ‘grote waadvogel (Grus grus)’
Onl. *krano ‘kraanvogel’ in Cranaberga ‘plaats in Oost-Vlaanderen’ [814-820, kopie 941; Gysseling 1960] en als bijnaam van Hebbin Crana [1163; Debrabandere 2003]; mnl. crane ‘kraanvogel’ [1240; Bern.], grus es in dietsch .j. cranegrus is in het Nederlands een kraanvogel’ [1287; VMNW]; vnnl. craen [1551; WNT vos I], kraene, kraen-voghel [1599; Kil.].
Gevormd uit mnl. crane ‘kraanvogel’ en een verduidelijkend tweede lid → vogel, dat wrsch. is toegevoegd ter onderscheiding van de in het Middelnederlands ontstane homoniemen die onder → kraan staan beschreven. Zie ook → cranberry.
Os. krano (mnd. krān); ohd. krano (mhd. krane); nfri. kraan; oe cran (ne. crane); mogelijk ook on. trani (nzw. trana); alle ‘kraanvogel’; < pgm. *krana-. Daarnaast met hetzelfde achtervoegsel als in → havik pgm. *kranuka-, waaruit: mnd. kranek; ohd. kranuh, kranih (nhd. Kranich); oe. cranoc, cornuc.
Verwant met Latijn grūs (< pie. *ǵrh2-u-s); Grieks géranos (< pie. *ǵerh2-no-; zie ook → geranium); Proto-Slavisch *žeravĭ (Russisch žurávl') (< pie. *ǵerh2-ōu-); Litouws gérvė (< pie. *ǵerh2-u-); Welsh garan (< pie. *ǵerh2-no-); Armeens krunk. Alle ‘kraanvogel’. Pgm. *krana- is uit de wortel pie. *ǵerh2- echter moeilijk te verklaren; misschien uit pie. *ǵerh2ōu-, met verlies van -u- in de nominatief en herinterpretatie als n-stam > *ǵér-ōn-, genitief *gr-n-ós; pgm. *krana- zou dan de voortzetting van de nultrap uit dit paradigma kunnen zijn.
Lit.: Eigenhuis 2004, 306-307

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

kraanvoël s.nw.
Groot, reieragtige trekvoël met 'n lang nek wat veral in moerasse aangetref word.
Uit Ndl. kraanvogel (1714). In Ndl. is kraanvogel en vogelkraan wisselvorme, terwyl Afr. slegs kraanvoël geërf het. Eerste optekening in Afr. in Patriotwoordeboek (1902) in die vorm kraanfo'el.

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

kraanvoël: voëln. (spp. Grus, fam. Gruidae); Ndl. kraan (Mnl. crane), Eng. crane, Hd. kranich, verw. aan Lat. grus en Gr. geranos – opvallend in Ndl. is vogelkraan/kraanvogel, vgl. Afr. volstruis – Ndl. vogelstruis/struisvogel.

Thematische woordenboeken

H. Blok en H.J. ter Stege (2008), De Nederlandse vogelnamen en hun betekenis, 4e editie, Leidschendam

KRAANVOGELGrus grus
Duits Kranich
Engels Common Crane
Frans Grue cendrée
Fries Kraan
Betekenis wetenschappelijke naam: een klanknabootsing van de trompetachtige roep “kruu-oe”. Aristoteles vermeldde de soorten kraanvogels tezamen als ‘geranos’. Hieruit is de Oudhoogduitse naam Chranuh ontstaan, dat eveneens een klanknabootsend woord is, later het Middelnederlandse Crâne en vervolgens de bovenvermelde namen en Kraen(fûgel) (Fr), Krön (Twe) of Krun (Twe), Kroelekraan (NB), Kroene-krane (Ach) en Kroe(ë)nekraan (Lb). In België is dat de naam Kronekraan. Bij de vorming van een paar van die namen kan er behalve aan het geluid ook gedacht zijn aan de ‘kroon’ van de vogel, z’n rode kruin. Opmerkelijk is de naam Malefijt (Eem) die althans bij het Stormvogeltje met slecht weer verband houdt. De naam Wilde Schroete (Ach) of Wilde Schrûte (Ov), die uit Westfalen afkomstig is, betekent Wilde Kalkoen. Hier wordt gedoeld op enige overeenkomst van het geluid van beide soorten, waarbij ‘schroet’ bovendien de betekenis heeft van een kwaadaardig mens dat schreeuwt. Zie ook bij Grote Trap. In Limburg werd hij ook Wilde Gans genoemd. Zwarte Reiger (ZVl) heeft betrekking op de kleur van z’n pluimstaart en delen van kop en hals. Verder is z’n verenkleed vrijwel grijs gekleurd. De namen Grauwe Kraan en Europese Asgrauwe Kraanvogel geven daarvan blijk en passen tevens in de vroegere indeling die de vogel onderscheidde van o.a. de Canadese en Chinese Kraanvogel. De Kraanvogel is een waakzame vogel en als zodanig wel een symbool voor de mens (b.v. de adel) geweest. Lang geleden werd een ‘bijeenkomst van kraanvogels’ aangeduid met het Latijnse congressus, dit naar hun leven in groepsverband na de broedtijd. In Japan is hij wegens z’n sierlijke en imposante uiterlijk een symbool van geluk. Het Engelse werkwoord to crane betekent o.a. ‘je nek uitsteken’. Het is afgeleid van de houding van de vogel. En wat een geheel andere materie betreft, onze hijskraan is naar de vogel genoemd, met name door de lange hals, die een opvallend deel van z’n totale lengte vormt. De plaats Maarheeze, gelegen in de baronie Cranendonk, voert de vogel in haar gemeentewapen. Ook in onze tijd kunnen in die streek kraanvogels op de najaarstrek worden verwacht. Reeds Homerus dichtte rond 800 v. Chr. in de Ilias over de indrukwekkende zwermen kraanvogels die voor de winter wegvlogen en met luid geroep de zee overstaken. Schiller schreef ‘Die Kraniche des Ibykus’ en onze Staring ‘Op het gezicht van trekkende kraanvogels’, waaruit we citeren: “Zo kwam van ver een vreemd gerucht, zo kwam een lange kranenvlucht en hield naar ‘t wijkend avondlicht het spitse van heur schaar gericht.” Een indrukwekkend schouwspel om deze grote vogels te zien en te horen overvliegen.

K.J. Eigenhuis (2004), Verklarend en etymologisch woordenboek van de Nederlandse vogelnamen, Amsterdam

Aschgraauwe Kraan Vogel Oude naam voor de Kraanvogel ↑ in NV 1829. Schlegel 1828 noemde hem graauwe kraanvogel. De wetenschappelijke naam was toen ook Grus cinerea (Bechst.). De kleur was uiteraard correct getroffen, maar omdat in de Lage Landen maar één Kraanvogelsoort voorkwam, was een nadere aanduiding eigenlijk overbodig. Houttuyn 1763 voerde het adjectief niet; hij sprak van Kraan of Kraanvogel.

Canadese Kraanvogel Grus canadensis (Linnaeus: Ardea) 1758. In Noordoost-Siberië en Noord-Amerika (w.o. Canada) broedende kleinere verwant van ‘onze’, in Europa en Azië broedende, Kraanvogel ↑. De Canadese Kraanvogel werd 28 september 1991 in ons land waargenomen (in Friesland).
BENOEMINGSGESCHIEDENIS De N naam staat o.a. in BWP II 1980. Houttuyn 1763 gebruikte al een bijna zelfde naam: Kanadasche Kraan. Voous 1960 echter geeft alleen de Am/E naam: ‘SandhillKraanvogel (

Kraanvogel Grus grus (Linnaeus: Ardea) 1758. Grote grijze, met de Rallen verwante vogel, die sinds kortgeleden (weer) in N gebroed heeft, maar h.t.l. altijd al wel als trekvogel passeerde (vnl. in het oosten).
Algemeen worden de namen voor deze luidruchtige vogelsoort opgevat als geluidsnabootsingen. Opvallend is de aanwezigheid van de r in alle namen, welke goed overeenkomt met de rollende klanken in balts- en vluchtroep.
ETYMOLOGIE N Kraan1, Kraanvogel <Kraenvoghel, Kraene [VK] craen, crane [JvM 1287 vs.1823]; fries Kraanfûgel <Kraen(fûgel); oostfries Kraen, Kroon; mnd Kran, Krane; D Kranich Kranech, Krane chranuh, chranih; E Crane cran (ook: cranoc, cornoc); zweeds/ijsl Trana, noors/deens Trane, faeroes Trani; trani (de mannelijke vogel) en trana (het ♀); *krana(n).
F Grue (begin 12e eeuw); catalaans Grua; Sp Grulla; It Gru; *grua Grus; Gr Γέρανος Géranos ‘Kraanvogel’ [bij Aristoteles, 384-322 v.Chr.] [De plantnaam Geranium komt van dit woord, naar de vorm van de vruchtjes, die op een (Kraanvogel)snavel lijken, of ook wel op een Ooievaars- of Reigersbek.] Roemeens Cocor. Gallisch Garanos; welsh Garan (Caran?). Bulgaars Siv Zjerav (siv ‘grijs’); R Жура́вль Zjoerávl’; pools Żuraw; tsjechisch Jeráb; serv.-kr. Zdral sivi (sivi ‘grijs’); zeravi (aan N k beantwoordt in de slavische talen vaak een sisklank); litouws Gervė; lets Dzērve. Idg *ger/*ker ‘schreeuwen, krijsen’. Turks Turna, fins Kurki, estisch Sookurg en hongaars Daru hebben geen binding met het idg (tenzij van leenwoorden sprake zou zijn), maar ook hierin komt de rollende [r]-klank voor en er lijkt dus ook van onomatopeeën sprake. Mogelijk is het oerwoord voor ‘Kraanvogel’ heel oud en ligt het aan de basis van niet alleen de idg talen, maar ook andere niet-idg talen [med. Magnus Robb 031105].

==

1 Het hijswerktuig kraan is naar de vogel genoemd, niet andersom.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut