Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

koorts - (verhoging van lichaamstemperatuur)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

koorts zn. ‘verhoging van lichaamstemperatuur’
Mnl. corts ‘verhoogde lichaamstemperatuur’ in den curts haddi so dore grod ‘hij had zeer hoge koorts’ [1285; VMNW], coorts [1348; MNW-P].
Herkomst onbekend. Er bestaan geen equivalenten in de andere Germaanse talen. Men heeft wel gedacht aan verband met Sanskrit jvárati ‘heeft koorts’ en jvara- ‘koorts, smart’, bij dezelfde Indo-Europese wortel als in → kool, maar de beperkte verspreiding maakt dat twijfelachtig.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

koorts* [verhoogde lichaamstemperatuur] {corts(e), coorts 1285} middelnederduits korts, mogelijk verwant met oudindisch jvarati [hij is koortsig].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

koorts znw. v., mnl. corts, coorts, curts m. (zelden) en laat-mnl. cortse, curtse v., mnd. korts.

De beperkte verbreiding van het woord maakt het zeer twijfelachtig, of men het verbinden mag met oi. jvarati ‘heeft koorts’, jvara- ‘koorts, smart’ (IEW 479).

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

koorts znw., mnl. corts, coorts, curts m., zelden en laat cortse, curtse v. “koorts”. = mnd. korts “id.”. De combinatie met oi. jvárati, jválati “hij gloeit, is koortsig”, jûrti- “koorts” (niet uit teksten bekend) is zeer aannemelijk, — tenzij deze woordgroep idg. l heeft; zie kool I. Ook zou met idg. g het daar genoemde arm. krak “vuur, kolenvuur” verwant kunnen zijn. Voor de bet. vgl. got. brinno, heito v. “koorts”, die bij branden resp. heet hooren, gr. puretós “id.” bij pūr “vuur”.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

koorts v., Mnl. cortse + Ndd. korts + Skr. jūrtis, van wrt. jvar = gloeien.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

koors (zn.) koorts; Vreugmiddelnederlands corts <1285>.

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

koors s.nw.
1. Verhoogde liggaamstemperatuur as gevolg van 'n siektetoestand. 2. Groot opgewondenheid of intense begeerte. 3. Onrustigheid of gejaagdheid.
Uit Ndl. koorts (al Mnl. in bet. 1, 1566 - 1568 in bet. 2, 1655 in bet. 3). Eerste optekening in Afr. in Patriotwoordeboek (1902).
Ndl. koorts hou wsk. verband met Oudindies jvárati 'hy gloei, hy is koorsig'.

Thematische woordenboeken

P.G.J. van Sterkenburg (2001), Vloeken. Een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie, 2e druk, Den Haag

koorts. In het Middelnederlands komt de verwensing die corts ridene! ‘moge de koorts hem kwellen’ voor. Vroeger werd koorts opgevat als een ziekte. Dat verklaart ook waarom men koorts in verwensingen gebruikt als krijg de koorts, krijg de koude koorts! ‘krijg iets vreselijks’. Inez van Eijk (1978: 87) kent ook nog alle kerels de koorts, behalve Abraham de koekjesjood! Deze verwensing, die ik ook optekende in Beverwijk, Voorhout, Warmond en Rijswijk, drukt ergernis, machteloosheid, walging en andere afkeer uit. De betekenis is geworden tot ‘rot op’. De toevoeging behalve Abraham de koekjesjood plaatst ons voor raadsels. Niet zozeer de samenstelling koekjesjood. Het komt immers wel vaker voor dat het eerste lid van een samenstelling met jood betrekking heeft op een negotie, bedrijf of betrekking. Denk maar aan boekenjood, brillenjood, hoedenjood, schoenenjood, voddenjood enz. Het probleem zit voor mij in de vraag waarom Abraham uitgezonderd is van de minachting. Wordt hier een zinspeling gemaakt op Abraham Verkade, de grote koekjesfabrikant? Voorlopig blijft het gissen. Krijg de derdedaagse koorts! betekent letterlijk ‘krijg koorts die telkens de derde dag terugkeert’. Die betekenis is in de verwensing niet gerealiseerd. Wel gaat het om onheil, of beter ongemak, ten gevolge van minachting, wrevel, haat. Men wil niets meer met iemand te maken hebben. De afgezwakte betekenis is dan ‘ik heb een vreselijke hekel aan je, donder nu maar op’. Sanders en Tempelaars (1998) geven als typisch Rotterdamse verwensing je moet zoveel koorts krijgen, dat de dokter naar je nest moet roeien! De verwensing krijg de koorts! wordt versterkt in de volgende samenstellingen: krijg de bibberkoorts!, krijg de kippenkoorts!, krijg de pestpokkenkoorts!, krijg de rolkoorts!, krijg de teringkoorts! en krijg de zenuwkoorts!vergassen.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

koorts ‘verhoogde lichaamstemperatuur’ -> Fries koarts ‘verhoogde lichaamstemperatuur’; Duits dialect Kôrs, Koors, Koorssen ‘verhoogde lichaamstemperatuur; koude koorts’; Negerhollands koorts, koors ‘verhoogde lichaamstemperatuur’; Berbice-Nederlands kosu ‘verhoogde lichaamstemperatuur’; Skepi-Nederlands kors ‘verhoogde lichaamstemperatuur’; Sranantongo korsu (ouder: koors(e)) ‘verhoogde lichaamstemperatuur’; Aucaans koloesoe ‘verhoogde lichaamstemperatuur’; Surinaams-Javaans korsu ‘verhoogde lichaamstemperatuur; koorts hebben’ .

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

koorts* verhoogde lichaamstemperatuur 1285 [CG Rijmb.]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut