Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

klapschaats - (scharnierende schaats)

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

klapschaats ‘scharnierende schaats’ -> Engels klapskate ‘scharnierende schaats’; Duits Klappschlittschuh ‘scharnierende schaats’; Deens klapskøjte ‘scharnierende schaats’; Noors klappskøyte ‘scharnierende schaats’; Zweeds klappskridsko ‘scharnierende schaats’; Italiaans pattino clap, clap ‘scharnierende schaats’; Russisch kon’ki-klapy ‘scharnierende schaats’; Japans kurappusukaatsu ‘scharnierende schaats, lett. klap ijsmes’; Chinees kelaipu bingdao ‘scharnierende schaats, lett. klap ijsmes’; Chinees xinshi suhua bingdao ‘scharnierende schaats, lett. nieuwe stijl snelglijden(d) ijsmes’.

N. van der Sijs (2006), Klein uitleenwoordenboek, Den Haag

klapschaats. In 1983 werd de klapschaats ontwikkeld door medewerkers van de Faculteit Bewegingswetenschappen van de Vrije Universiteit in Amsterdam. De naam klapschaats is bedacht door een van de uitvinders, Gerrit Jan van Ingen Schenau. De naam drukt uit dat de schaats het mogelijk maakt om bij het afzetten een zetje of klap na te geven, wat invloed heeft op de snelheid: de schaats staat dan namelijk nog op het ijs, terwijl de schaatser zijn been helemaal gestrekt heeft, wat bij een gewone schaats onmogelijk is. De naam verwijst dus niet naar het feit dat de schaats een klappend geluid maakt, zoals wel gedacht wordt.

Het duurde enkele jaren voordat de schaats geaccepteerd werd, maar begin jaren negentig gingen de junioren over op de klapschaats, na enige tijd gevolgd door de dames. Toen de Nederlandse schaatssters in 1996 de superioriteit van de schaats overtuigend aantoonden, namen andere landen de vinding snel over. Tijdens het wereldkampioenschap allroundschaatsen in het Japanse Nagano begin 1997 bleek dat daar niet alleen de vinding, maar ook het woord overgenomen was: de Japanners spraken van kurappusukaatsu (het Japans kent geen verschil tussen de l en de r), de Noren van klappskøyte, de Denen van klapskøjte, de Zweden van klappskridsko en de Duitsers van Klappschlittschuh. In het Russisch noemt men klapschaatsen kon'ki-klapy (kon'ki betekent 'schaatsen').

Aanvankelijk heette de schaats in het Engels slapskate; dit is in het Japans overgenomen als surappusukeeto, een woord dat in het najaar van 1997 voor het eerst in een neologismenwoordenboek verscheen en in de plaats kwam van de oudere, direct aan het Nederlands ontleende vorm kurappusukaatsu. Maar in het Engels hield slapskate slechts kort stand. Het woord werd eerst vervangen door clapskate, maar vanwege de associatie met clap 'geslachtsziekte' is de uiteindelijke benaming klapskate geworden. Deze naam heeft een officiële status gekregen, doordat de Internationale Schaatsunie hem gebruikt in haar stukken. Daarmee zal ook kurappusukaatsu in het Japans surappusukeeto wel gaan verdringen.

Dankzij de uitvinding van de klapschaats werd het Nederlandse woord schaats tweemaal uitgeleend; zie verder schaats.

Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

klapschaats [schaatstype] (1983). In 1983 wordt aan de Vrije Universiteit van Amsterdam de klapschaats (een scharnierende schaats), uitgevonden. De naam wordt bedacht door een van de uitvinders, Gerrit Jan van Ingen Schenau. Schaats en naam zijn internationaal overgenomen. De Engelse naam klapskate heeft een officiële status gekregen, doordat de Internationale Schaatsunie hem gebruikt in haar stukken.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

klapschaats scharnierende schaats 1983 [Vd Sijs 1998]

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

klapschaats, schaats waarvan de buis aan de voorkant met een scharnier aan de schoen is bevestigd. De Nederlandse ontwerpers, Gerrit-Jan Van Ingen Schenau en Gert de Groot (beide biomechanicus) en Hans Meester en Willem Schreurs (constructeurs-instrumentmakers) wilden er patent op aanvragen, maar moesten vaststellen dat er in 1894 al patent was aangevraagd op een hockeyschaats met een scharnier eronder. De oorspronkelijke bedenker, de Duitser Karl Hannes, ontving er in dat jaar het copyright op.

Niet elk neologisme hoeft een vervelend woord te zijn. In de Volkskrant noteerde we het afgelopen jaar bijvoorbeeld de begrippen ‘klapschaats, supertrein, leedrecreanten’ en ‘sciencepark’. (De Volkskrant, 20/12/86)
Halverwege de jaren tachtig ontwikkelde prof. dr. ir. G.J. van Ingen Schenau aan de Vrije Universiteit van Amsterdam de zogeheten klapschaats, een vinding waarmee de sport een grote stap voorwaarts leek te gaan zetten. Het ontwerp verschilt van de gewone schaats doordat het ijzer alleen van voren aan de schoen is bevestigd, met een scharnier en een veer. Aan het idee ligt een biomechanisch principe ten grondslag. Onderzoek wijst uit dat schaatsers de spierkracht in hun benen niet volledig kunnen mobiliseren, omdat de vaste ijzers hen niet toestaan hun enkel te strekken. Doen ze dat wel, dan zetten ze of de punten van de ijzers in het ijs — wat afremt — of ze strekken de voet door tot in de leegte. En van schaatsen in de lucht is nog nooit iemand sneller gegaan.
De klapschaats stelde hen plotseling wel in staat de natuurlijke strekbeweging van heup, knie en enkel te voltooien, omdat het scharnierende ijzer maximaal contact met het ijs blijft houden. Je kunt het met springen vergelijken: wie van de hak omhoog moet springen, reikt aanzienlijk lager dan wie daarbij de enkel tot aan de tenen mag uitstrekken. Op de ijsbaan is de klapschaats nauwelijks te onderscheiden van het conventionele model, omdat het ijzer zo’n tweetiende seconde na de strekking van de enkel al weer in de normale positie terugveert. Bij de start of een versnelling maken ze niet het vertrouwde schrapende geluid, maar klappen de ijzers als hamers op het ijs. (Elsevier, 26/11/94)
Sinds Tonny de Jong en Carla Zijlstra zondag op de eerste wereldbekerwedstrijd in Berlijn klapwiekend Gunda Niemann een pittige nederlaag toebrachten, is de klapschaats ineens een ‘hot item’ geworden. In zijn huidige vorm bestaat het attribuut al meer dan tien jaar. En wie ver genoeg in de tijd de boeken doorworstelt, komt tot de ontdekking dat de klapschaats al meer dan honderd jaar oud is. (Trouw, 29/11/96)
De klassieke klapschaats van wetenschapper Van Inger Schenau gaat uit van een vast scharnierpunt. (Elsevier, 21/12/96)
Eerder deze week had ze de klapschaatsen nog geprobeerd, maar toen ze daarbij last van haar knieën kreeg, werden ze weer snel verruild voor het conventionele paar. (NRC Handelsblad, 14/02/97)
We raken steeds meer gewend aan de klapschaats, het ijs was buitengewoon snel en de komende Olympische Spelen zorgen voor een extra prikkel. (De Volkskrant, 01/08/97)
De klapschaats heeft zich bewezen als een knap staaltje van toegepaste wetenschap en dat komt de populariteit van de biomechanica ten goede. (Vrij Nederland, 28/02/98)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut