Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

kip - (in kip, ik heb je!)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

kip8* in de uitdrukking kip, ik heb je! [daar heb ik je te pakken!] {1681} van kippen1.

Idioomwoordenboeken

F.A. Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, drie delen, 4e druk, Zutphen

1151. Kip! ik heb je!

Eene in de 16de eeuw bij Everaert, 430, vs. 259 voorkomende uitdrukking, die later vrij algemeen is geworden, zooals blijkt uit Gew. Weeuw. II, 44; Winschooten, 15; Paffenr. 163; Snorp. 29; enz. In kip moet men den stam zien van het werkw. kippen, dat vroeger (en thans nog dial. vgl. Antw. Idiot. 1813) grijpen, vangen beteekende (vgl. dial. uitkippen, uitkiezen), en niet het znw. kip, zoodat niet moet worden gedacht aan een haan, die de hen in de kuif pikkende, kan geacht worden tot de kip te zeggen: Kip! ik heb je (Harrebomée I, 408). Het bewijs voor deze, reeds door Verdam uitgesproken meeningZie Ned. Klassieken VIII, 2., levert een liedje in het 1ste deel van 't Amsteldams Minne-Beeckje, 38 (2de dr. anno 1637), waar eenige meisjes ieder op hare beurt een spelletje aanraden, en een van haar zegt:

Ick weet niet aers te raen
Als spelen kip ick hebb', ick sal de kipster wesen.

De uitdr. is dus blijkbaar aan een soort krijgertje-spel, kippen geheeten, ontleend.Vgl. Sprankhuisen, Alle de stichtelijke werken, 1657, I, 12 a: Den Nacht gaet voor, en den Dagh volcht nae. Dese twee syn gelijck twee vroolijcke kinderen, die te samen Lestje speelen, en sonder ophouden rontom de Weerelt loopen stickelen, als ofte sy elckanderen sochten te kippen. Op de Veluwe verstaat men nog onder kipen, krijgertje spelen, vangen (V. Schothorst, 152), dat op Goeree en Overflakkee kipje doen heet (Nw. Taalg. XIII, 137). Voor andere bewijsplaatsen zie Snorp. II, 24; Langendijk, Don Quichot, bl. 18 (Pantheon); Willem Leevend VII, 160 en Halma, 265: Kippen, grijpen, vangen; kip, ik hebje kan in 't Fransch overgezet worden door je vous prens sans verd; Sewel, 389: Kip, ik heb je! there I catch'd you; Jong. 94; Kmz. 326; De Amsterdammer, 24 Mei 1914, p. 7 k. 2. Somtijds hoort men ook knip ik heb je, waarin knip de stam is van het wkw. knippen en geen zelfstandig naamwoord, zooals in het Mnl. Wdb. III, 1446 vermoed wordt.

1151. Kip! ik heb je!

Eene in de 16de eeuw bij Everaert, 430, vs. 259 voorkomende uitdrukking, die later vrij algemeen is geworden, zooals blijkt uit Gew. Weeuw. II, 44; Winschooten, 15; Paffenr. 163; Snorp. 29; enz. In kip moet men den stam zien van het werkw. kippen, dat vroeger (en thans nog dial. vgl. Antw. Idiot. 1813) grijpen, vangen beteekende (vgl. dial. uitkippen, uitkiezen), en niet het znw. kip, zoodat niet moet worden gedacht aan een haan, die de hen in de kuif pikkende, kan geacht worden tot de kip te zeggen: Kip! ik heb je (Harrebomée I, 408). Het bewijs voor deze, reeds door Verdam uitgesproken meeningZie Ned. Klassieken VIII, 2., levert een liedje in het 1ste deel van 't Amsteldams Minne-Beeckje, 38 (2de dr. anno 1637), waar eenige meisjes ieder op hare beurt een spelletje aanraden, en een van haar zegt:

Ick weet niet aers te raen
Als spelen kip ick hebb', ick sal de kipster wesen.

De uitdr. is dus blijkbaar aan een soort krijgertje-spel, kippen geheeten, ontleend.Vgl. Sprankhuisen, Alle de stichtelijke werken, 1657, I, 12 a: Den Nacht gaet voor, en den Dagh volcht nae. Dese twee syn gelijck twee vroolijcke kinderen, die te samen Lestje speelen, en sonder ophouden rontom de Weerelt loopen stickelen, als ofte sy elckanderen sochten te kippen. Op de Veluwe verstaat men nog onder kipen, krijgertje spelen, vangen (V. Schothorst, 152), dat op Goeree en Overflakkee kipje doen heet (Nw. Taalg. XIII, 137). Voor andere bewijsplaatsen zie Snorp. II, 24; Langendijk, Don Quichot, bl. 18 (Pantheon); Willem Leevend VII, 160 en Halma, 265: Kippen, grijpen, vangen; kip, ik hebje kan in 't Fransch overgezet worden door je vous prens sans verd; Sewel, 389: Kip, ik heb je! there I catch'd you; Jong. 94; Kmz. 326; De Amsterdammer, 24 Mei 1914, p. 7 k. 2. Somtijds hoort men ook knip ik heb je, waarin knip de stam is van het wkw. knippen en geen zelfstandig naamwoord, zooals in het Mnl. Wdb. III, 1446 vermoed wordt.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut