Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

karos - (staatsierijtuig)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

karos zn. ‘staatsierijtuig’
Vnnl. met eenighe Carotsen inde Gheneraliteyt ter audientie ghebracht ‘met enkele karossen bij de Staten-Generaal ter audiëntie gebracht’ [1618; Courante], karos ‘bepaald type luxe rijtuig’ [1620; WNT].
Ontleend, in de huidige vorm via Frans carrosse ‘karos’ [1575; Rey], aan Italiaans carrozza ‘id.’ [16e eeuw; Battaglia], afleiding van carro ‘kar’, uit Latijn carrus ‘wagen’, zie → kar, en zie ook → carrosserie.
Een karos was een bepaald type rijtuig met vaste kap. Na de 18e eeuw bestaat het woord alleen nog als historische term.
Lit.: Courante uyt Italien, Duytslandt &c., weekblad, verschijnt vanaf 1618 te Amsterdam (citaat: 14 juni 1618, 1b)

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

karos [rijtuig] {karosse 1626} < frans carrosse [koets] < italiaans carrozza < middeleeuws latijn carrocium [een wagen waarop de veldtekens in het gevecht werden gereden], van carrus [kar].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

karos znw. v., sedert de 17de eeuw carosse ‘koets, staatsiewagen’ < ital. carroccia ‘wagen, waarop de veldtekens in de slag meegevoerd worden’, dat weer over *carrautium < het bij Isidorus van Sevilla vermelde carracutium ‘wagen met twee hoge wielen’, zelf een gallische afl. van het eveneens gallische carrus. — Rechtstreeks uit het ital. werd mhd. karrotsche, karrutsche, karrāsch (en andere vormen) ‘wagen, waarop het veldteken staat opgericht’ ontleend; mnl. caruke, caroke, carruke ‘vrachtwagen’ gaat op gall. carruca terug, dat in fra. charrue ‘ploeg (met raderen)’ voortleeft.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

karos znw., nog niet bij Kil. Uit fr. carrosse (< it. carroccio, van gall.-lat. carrus; zie kar), misschien via hd. karosse v. Mhd. karro(t)sche, -utsche, -âsche v. “wagen waarop ’t vaandel staat” direct uit ’t It.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

karos. Schrap: “misschien via hd. karosse v.”

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

karos v., uit Fr. carrosse, van It. carroccio, augment. van carro == kar (z.d.w.).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

karos I: – kros – , (sedert l7e eeu v.) “velkombers”; Hott. caro-s/karo-s/cro-s/kro-s, wsk. dim. v. wd. wat in Na. lui kho-b, “vel” (v. Bosh VT en EWA, Scho TWK/NR 7, 2, p. 4, en Nien HOTT s.v. karos II), ook voorkaros.

karos II [+]: (weinig bek. v.) “bep. soort rytuig”; Ndl. karos (nog nie by Kil nie, wel sedert 17e eeu), via Fr. carrosse of via Hd. karosse uit It. carroccio/carroccia/carozza wat verb. hou m. Gall.-Lat. carrus, “kar; wa” – WNT skei wel I en II, maar ondersk. nie etim. duidelik nie, terwyl NED se verkl. misleidend is.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

karos (Frans carrosse)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

karos ‘rijtuig’ -> Negerhollands karosse, karosch(e), kariol, kalośi, karośi ‘rijtuig, wagen’; Papiaments † garoshi (ouder: carosji) ‘wagen’; Creools-Engels (Maagdeneilanden) † karosi ‘rijtuig, wagen, koets’ .

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

karos rijtuig 1618 [Courante uyt Italien, 14 jun. 1b] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut