Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

kandij - (gekristalliseerde suiker)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

kandij zn. ‘gekristalliseerde suiker’
Mnl. candijt suker, candijt [1351; MNW-P], candi [1397; MNHWS], suycker candy [1477; Teuth.]; vnnl. suycker candye [1573; Thes.], door verkeerde woordscheiding ook candijs suycker [1653; WNT] en kandys [1657; WNT]; nnl. kandy, candy of kandysuiker [1710; Marin].
Ontleend aan Frans candi ‘kandij-’ [1256; TLF] (ook nu nog alleen als bn. in sucre candi), dat zelf is ontleend aan Arabisch qandī ‘van suikerriet’, bn. bij qand ‘suikerriet’ [10e eeuw; Rey]. Dit Arabische woord is wrsch. een Indisch leenwoord, vergelijk Sanskrit khaṇḍa- ‘suikerbrok’, afgeleid van de wortel khand- ‘breken’, dat zelf wrsch. van Dravidische oorsprong is en dus geen Indo-Europese verwanten heeft.
De -t in de oudste attestatie, en ook in vnhd. zocker candith ‘suikerkandij’ [ca. 1400; Pfeifer], wordt wel toegeschreven aan Italiaans (zucchero) candito [15e eeuw; TLF], waarin -ito het woord een uiterlijk geeft van een verl.deelw., naast (zucchero) candi [1343; WNT]. De datering maakt deze aanname erg onwaarschijnlijk.
Kandijsuiker en kandij zijn tegenwoordig gelijkwaardig, maar het eerste woord is frequenter.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

kandij [soort suikerklontjes] {candi 1397} < frans candi [kandij-] (sucre candi), italiaans candì [kandij] < arabisch qandī [gekristalliseerd], van qand [harde gekristalliseerde suikermassa, kandij], vermoedelijk via het perzisch ontleend aan het dravidisch, vgl. tamil kantu [kandij], kattu [stollen].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

kandij znw. v., mnl. candi < fra. sucre candi evenals ital. zucchero candì < arab. ḳandī, een bnw. bij ḳand ‘ingedikt sap van suikerriet’ (Lokotsch Nr. 1052).

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

kandij znw., mnl. (Mnl. Handwdb.) candi, -y. Uit fr. (sucre) candi. Een internationaal woord, op arab. qand “kandijsuiker” (oorspr. perz., volgens sommigen oi.) teruggaande.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

kandij v., uit Fr. candi, van It. id., hetwelk uit Ar. qandij = van suiker, een adj. van Ar. qand = stuk suiker, uit Skr. khandas = stuk.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

kandy: ook bek. as klontjie-, kristal- en teesuiker (WAT); Ndl. kandij (Mnl. candi) uit Fr. (sucre) candi, soos It. (zucchero) candi uit Arab. b.nw. kandi/qandi by s.nw. kand/qand, “verdikte suikerrietsap”, in Eng. bek. as candy, sugar candy en soms candy sugar.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

kandij (Frans candi)

R. Dozy (1867), Oosterlingen, verklarende lijst der Nederlandschen woorden die uit het Arabisch, Hebreeuwsch, Chaldeeuwsch, Perzisch en Turksch afkomstig zijn, 's-Gravenhage

Kandij
Het Perzisch-Arabische kand (قند), dat den zin heeft, dien wij aan kandijsuiker hechten, en dat op zijne beurt het Indische khanda is; zie Mahn, Etymol. Unters. auf dem Gebiete der roman. Spr., p. 47.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

kandij ‘soort suikerklontjes’ -> Fries kandij ‘soort suikerklontjes’;? Deens kandis ‘soort suikerklontjes’ (uit Nederlands of Duits).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

kandij soort suikerklontjes 1397 [HWS] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal