Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

jour - (dag, ontvangdag)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

jour [dag, ontvangdag] {1832 in de betekenis ‘dag, dagorder’} < frans jour < latijn diurnum [dagrantsoen, dagloon; laat-lat. ook dag], o. enk. als zn. van diurnus [dagelijks], teruggaand op dies [dag] + -urnus, een tijdaanduidend achtervoegsel.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal