Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

isomeer - (met gelijke empirische en moleculaire formule)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

isomeer [met gelijke empirische en moleculaire formule] {1926-1950, isomerisch 1901-1925} < grieks isomerès, isomoiros [gelijk verdeeld], van isos [gelijk] + meros [deel].

Thematische woordenboeken

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Isomeer (< → iso-, + Gr. μέρος (méros) = deel; lett. gelijkdelig). Wordt gezegd van: 1. Verbindingen met hetzelfde aantal atomen van dezelfde elementen, maar die op verschillende wijze in het molecule zijn gerangschikt; 2. atoomkernen met hetzelfde aantal protonen en neutronen, maar met verschillende energie. Het verschijnsel zelf heet isomerie.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal