Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

intelligent - (verstandig)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

intelligentie zn. ‘verstand, verstandelijk vermogen’
Vnnl. intelligentie “een verstant”, wat wrsch. nog betekent ‘persoonlijk contact, (goede) verstandhouding, onderling begrip’ [1553; van den Werve], zoals ook in met intelligentie of compositie ‘in onderling overleg’ [1578; WNT compositie], secrete intelligentie ‘contact in het geheim’ [1621; WNT uitwijken], na de 17e eeuw verouderd; dan nnl. intelligentie ‘verstand, inzicht’ [1852; WNT rede I].
In de oude betekenis ontleend aan christelijk Latijn intelligentia, o.a. ‘goede verstandhouding, onderling begrip’, betekenisnuance bij klassiek Latijn intelligentia ‘verstand, inzicht, begrip’; in de betekenis ‘geheime contacten’ mogelijk ontleend via Frans intelligence ‘id.’ [ca. 1500; Rey], in de jongste betekenis wrsch. via Frans intelligence ‘begrip, voorstellingsvermogen’ [ca. 1175; Rey], ‘verstand, inzicht’ [1559; Rey]. Klassiek Latijn intelligentia is een afleiding van intelligere, nevenvorm van intellegere ‘begrijpen, inzien; gewaarworden’, gevormd uit → inter- ‘tussen’ en legere ‘uitkiezen, verzamelen, lezen’, zie → legende.
Het verschil tussen intelligentie en intellect, die beide teruggaan op hetzelfde Latijnse woord, is dat intellect abstracter is; intelligentie is toegepast intellect en is, in principe, meetbaar. Intelligent(ie) gaat dan ook meestal vergezeld van een kwantificering: een hoge/lage intelligentie, zeer/weinig intelligent, en er is een intelligentiequotiënt. Men spreekt daarentegen niet van iemand met een hoog of laag intellect, maar wel van iemand met intellect ‘die geleerd is, veel verstand heeft’.
intelligent bn. ‘verstandig’. Nnl. in de scriba (‘klerk’) of een ander intelligent persoon [1808; WNT post II]. Ontleend aan Frans intelligent ‘id.’ [1611; Rey], eerder al ‘verstand hebbend (van iets)’ [1420; Rey] en in die betekenis ontleend aan Latijn intelligēns (genitief -entis) ‘id.’, oorspr. het teg.deelw. van intelligere.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

intelligent [verstandig] {1808, vgl. intelligencie <1544>} < frans intelligent < latijn intelligens (2e nv. intelligentis) [verstandig], eig. teg. deelw. van intelligere, intellegere [waarnemen, begrijpen], van inter [tussen, tussendoor] + legere [uitkiezen, lezen], eig. tussen (de regels, de beelden) door lezen.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

intelligent ‘verstandig’ -> Indonesisch intéligén ‘verstandig’; Menadonees intèl ‘verstandig’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

intelligent verstandig 1808 [WNT post] <Frans

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

intelligente box; — koffer, in Vlaanderen gebezigde aanduiding voor een plofkoffer*.

Dat vindt minister Vande Lanotte ook, die zelfs voorzag dat na de introductie van de ‘intelligente box’ de ‘derde man’ wel weer kon verdwijnen. (HP/De Tijd, 23/01/98)
Geld verdienen met een zogenaamde intelligente koffer is niet noodzakelijk bevorderlijk voor de veiligheid van de begeleiders. (De Morgen, 14/04/98)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut