Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

indruisen - (in strijd zijn (met))

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

indruisen ww. ‘in strijd zijn (met)’
Nnl. indruischen ‘luid binnenvallen’ [1810; Frieseman], indruischen tegen ‘in strijd zijn met’ in beide maatregelen druischten in tegen de regeeringswijze van ... [1862; WNT regeeringswijze]. Eerder al zonder voorvoegsel of met aan- en met vergelijkbare betekenis ‘zich verzetten tegen’, in na dat hy ... 'er eerst tegen gedruischt had [1726; WNT druischen], S. druist hier tegen aan [1752; WNT aandruischen], nu ... druischt gy reeds ... daar tegen aan [1784; WNT leerstelling], druisch de Almagt niet verdwaasd in hare ontwerpen tegen [1806; WNT tegen].
Gevormd uit → in en het werkwoord druisen in de betekenis ‘zich krachtig verzetten tegen’, een overdrachtelijke betekenis van algemener ‘razen, weergalmen’, waarvoor zie → gedruis.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut