Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

ijken - (betrouwbaar maken van een meetinstrument of maat)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

ijken ww. ‘betrouwbaar maken van een meetinstrument of maat’
Mnl. iken ‘ijken’ in doe men die vate ykede ‘toen men de vaten ijkte’ [1285; CG I, 1018]; vnnl. geijecte maten [1558; Stall. II, 2], ijcken, iecken [1599; Kil.].
Oude ontlening aan Latijn aequāre ‘gelijkmaken’, met Latijn /ē/ > Nederlands /ī/ zoals in → pijn; aequāre is een afleiding van aequus ‘gelijk’, zie → egaal. De oorspronkelijke betekenis was dus ‘de hoeveelheid (van een bepaald goed) gelijkmaken aan de basismaat (van gewicht of inhoud)’. Waarschijnlijk als term in de wijncultuur en -handel in het West-Germaans verspreid.
Mnd. īken; mhd. īchen (nhd. eichen); daarnaast het zn. mhd. īche.
ijk zn. ‘handeling van ijken; waarmerk op meetinstrumenten’. Mnl. ijke ‘(ijk)maat’ (v.) in metter rechten ijken ‘met de juiste maat’ [1401; MNW]; vnnl. ijcke, ook ‘waarmerk op meetinstrument’ [1599; Kil.]. Afleiding van het werkwoord. Mnl. ijke (vrouwelijk) ‘(ijk)maat’ is mogelijk al een West-Germaanse afleiding en in het Nieuwnederlands samengevallen met een latere afleiding ijk (mannelijk) ‘handeling van het ijken’, van het ww. ijken.
Lit.: Frings 1966, 155

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

ijken [waarmerken] {iken, y(c)ken 1285} < latijn aequare [gelijkmaken], van aequus [gelijk].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

ijken ww., mnl. îken (zwak en st. ww.), mnd. īken, laat-mhd. īchen (nhd. eichen) is, ondanks het late optreden in de teksten een zeer oud woord. Het is overgenomen < lat. aequare ‘gelijk maken’, een term van de Romeinse wijncultuur en -handel, die langs de Rijn naar Zuid-Duitsland en langs de Maas en Moezel uit Noord-Frankrijk naar de Beneden-Rijn binnendrong (vgl. Frings, Germ. Rom. 1932, 169-70). — Het znw. ijker > russ. ejker (vgl. R. v. d. Meulen Verh. AW Amsterdam 66, 2, 1959, 35).

Naast lat. aequare stond ook exaequare, waaruit ofra. essever ‘ijken’. — In geheel Nederl. is ijken het gewone woord, behalve in O. Brab., W. en Z. Limburg, vgl. P. D. Haene, Leuv. Bijdr. 39, 1948, 73-86.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

ijken ww., mnl. îken (zwak en sterk), waarnaast ’t znw. îke v. “van regeeringswege goedgekeurde maat” (nnl. ijk). = laat-mhd. îchen “ijken”, îche v. “vastgestelde maat, ’t vaststellen van de maat” (nhd. eichen, eiche), mnd. îken “ijken”, îke v. “ijkteeken, ijkinstrument”. Niettegenstaande het late voorkomen een reeds uit de ohd. periode dateerende ontl. uit lat. aequâre “gelijk maken”. Voor de hd. ch vgl. keuken, voor de î, ndl. ij vgl. krijt.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

ijken o.w., Mnl. iken, gelijk Ndd. iken, Mhd. îchen (Nhd. eichen), uit Lat. aequare = gelijk maken.: z. echt 2.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

1yk ww.
1. Mate en gewigte keur en van 'n amptelike merkteken voorsien. 2. (fig.) As gangbaar of standaard erken, veral woorde en uitdr.
Uit Ndl. ijken (al Mnl. in bet. 1, 1871 in bet. 2).
Ndl. ijken uit Latyn aequare 'gelykmaak'.
D. eichen.

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

yk: s.nw. en ww., merkteken ten bewyse dat mate en gewigte aan d. eise voldoen; (as ww.) aanbring v. sodanige teken; Ndl. ijk en ijken (Mnl. īke en īken), Hd. eiche en eichen, vroeë ontln. aan Lat. aequāre, “gelykmaak” (verb. m. Lat. aequus, “gelyk”, vgl. Eng. equal); in Ndl./Afr. gedift. i(e) uit ē uit ae.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

ijken (Latijn aequare)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

ijken ‘waarmerken’ -> Indonesisch (meng)ék ‘waarmerken’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

ijken waarmerken 1285 [CG I Dordrecht] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut