Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

hypocriet - (huichelaar); (schijnheilig, huichelachtig)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

hypocriet zn. ‘huichelaar’; bn. ‘schijnheilig, huichelachtig’
Mnl. hipocrite (zn.) ‘huichelaar’ [1240; Bern.], ypocrite [1287; CG II, Nat.Bl.D]; vnnl. Upocriten (mv.) [1532; Liesveldt], met etymologische spelling hypocrite in verraderlicke pluymstrijckers, hypocriten ende twistmakers [1562-92; MNW]; nnl. als bn. hypocriet ‘huichelachtig’ [1950; van Dale].
Via Oudfrans ipocrite ‘huichelaar’ [1176; Rey] (Nieuwfrans hypocrite) ontleend aan Laatlatijn hypocrita ‘toneelspeler; huichelaar’, ontleend aan Grieks hupokritḗs ‘toneelspeler; veinzer’, afleiding van het werkwoord hupokrī́nesthai ‘een rol spelen (i.h.b. in een dialoog); huichelen’, oorspr. ‘antwoorden’ en gevormd uit hupo- ‘onder’, zie → hypo-, en krī́nein ‘schiften, oordelen, beslissen’, verwant met Latijn certus ‘zeker’, zie → certificaat, en wrsch. ook met → rein.
De Latijnse en Griekse betekenissen van het zn., die onder een noemer gebracht kunnen worden als ‘iemand die tijdelijk een ander karakter aanneemt dan dat van hemzelf’, zijn neutraler dan de betekenis in de moderne talen; daar is duidelijk sprake van een negatieve eigenschap, waarbij de nadruk ligt op bewuste voorwending van positieve eigenschappen. Deze betekenisverschuiving is overigens al Oudfrans.
Als bn. is hypocriet nog jong. Eerder fungeerde als bn. de afleiding hypocritisch [1557; WNT], nog tot in de 20e eeuw in de woordenboeken.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

hypocriet [huichelaar] {hypocrite 1285, vgl. ipocrisie 1201-1250} < frans hypocrite [idem] < latijn hypocrita, hypocrites [toneelspeler, chr. lat. huichelaar] < grieks hupokritès [droomuitlegger, toneelspeler, huichelaar], van hupokrinesthai [antwoorden, speciaal in toneeldialoog, komedie spelen, huichelen], van hupo [onder] + krinesthai [iets betwisten, uitleggen, verklaren], van krinein [oordelen] (vgl. crisis).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

hypocriet m. < fra. hypocrite ‘huichelaar’ < lat. hypocrita ‘huichelaar, toneelspeler’ < gr. hypokritḗs ‘droomuitlegger, toneelspeler’.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2011), Limburgs etymologisch woordenboek: de herkomst van de woorden uit beide Limburgen, Zwolle

iepekriep, zn.: valsaard, huichelaar. Hypocriet, Fr. hypocrite < Gr.-Lat. hypocrites, hypocrita betekent oorspr. ‘toneelspeler’, vandaar ‘huichelaar’, vgl. komediant.

iepekriet, niepekriet, ieperd, ietekriet, ielekriet, zn.: koukleum; tenger kind, vervelend kind; mager, onvriendelijk mens, kattige persoon, gierigaard. Br. iepekriet, iepekriep ‘ziekelijk, zwak kind, mager mens, schuchter kind’. Uit hypocriet, zie iepekriep. Vermoedelijk volksetymologisch voor hypochonder ‘zwartkijker’.

F. Debrabandere (2010), Brabants etymologisch woordenboek: de herkomst van de woordenschat van Antwerpen, Brussel, Noord-Brabant en Vlaams-Brabant, Zwolle

bietekwiet, iepekwiet, zn.: halve gare, kwibus. Wellicht vervorming van iepekriet ‘hypocriet’, blijkens de tweede vorm.

hypocriet, iepekriet, iepekriep, zn.: ziekelijk, zwak kind, mager mens, schuchter kind, klein mannetje. Hypocriet, Fr. hypocrite < Gr.-Lat. hypocrites, hypocrita betekent oorspr. ‘toneelspeler’, vandaar ‘huichelaar’, vgl. komediant. De Leuvens-Mechelse betekenis ‘zwak kind’ en de Bergse bet. ‘klein mannetje’ kunnen alleen maar volksetymologisch worden verklaard. Hypocriet kan hier volksetymologisch zijn voor hypochonder ‘zwaarmoedige, zwartkijker’.

F. Debrabandere (2002), West-Vlaams etymologisch woordenboek: de herkomst van de West-Vlaamse woorden, Amsterdam

nijpekrijt (DB), zn. m.: schijnheilige, gluiperd, valsaard. Volksetymologisch en met metanalytische n uit Fr. hypocrite.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

hypocriet (Frans hypocrite)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

hypocriet ‘huichelaar’ -> Indonesisch hipokrit ‘huichelaar’; Papiaments hipokrit (ouder: hipocriet, hypocriet) ‘huichelaar’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

hypocriet huichelaar 1240 [Bern.] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut