Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

hosselen - (op illegale wijze geld voor drugs verkrijgen)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

hosselen [het doen van alles wat samenhangt met heroïnegebruik] {na 1950} < surinaams-nederlands hosselen [zich inspannen, moeizaam leven, hard werken], verwant met hutselen.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

hos’selen (hosselde, heeft gehosseld), 1. zich inspannen, zijn best doen (om iets te bemachtigen of te bereiken). Na flink hosselen en een reeks blundertjes in Lando aan een vriendinnetje gekomen (van Mulier 1972: 57); hier: werven. Maar dan kan je niet donderdag en vrijdag naar ander werk kijken, dus je moet maandag gaan hosselen (W. Lobo volgensVan Westerloo & D. 6); hier: los werk zoeken. In hetzelfde stemdistrict werd ook nog gevonden dat slechts een derde deel van al degenen die tussen 1 januari en 1 oktober 21 jaar geworden waren, op de lijsten werden opgenomen. Dit betekent dat het grootste deel van de jonge kiezers moet gaan hosselen voor een oproepingskaart (Pipel 3-11-1979). Natuurlijk had de vroegrijpe Marleen de ’speciale voorliefde’ [voor sexuele spelletjes] al lang opgemerkt, daarom hosselde ze altijd om samen met Archie te spelen (Rappa 1984: 24). - 2. moeizaam leven, i.h.b. ’van de hand in de tand leven’ en ’bijbanen hebben om aan een voldoende inkomen te kunnen komen’. - 3. hard werken. Daarom komt de baas nu elke dag met buit thuis als hij op jacht gaat. De twee honden hosselen tot hun tong uit hun bek hangt (Barron 1984a: 31). - Etym.: Vgl. E to hustle (volgens Onions afkomstig van N husselen, hutselen) = allerlei vormen van (heen en weer) duwen; Am. (o.m.) op-, bijeenscharrelen. In Nederland is het woord van de Surinamers aldaar overgenomen in de bijzondere bet. van ’er opuitgaan om geld te bemachtigen voor het kopen van hard drugs’.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

hosselen (Surinaams-Nederlands hosselen)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

hosselen ‘(Surinaams-Nederlands) op illegale wijze geld voor drugs verkrijgen’ -> Sarnami hossel kare ‘op illegale wijze bijeenscharrelen’.

Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

flossen [gebit reinigen met tandzijde] (1984). De elfde druk van de grote Van Dale verschijnt onder redactie van G. Geerts en H. Heestermans. Ze zijn de eersten die in een woordenboek onder meer de volgende woorden opnemen: angsthaas, babi pangang, bodymilk, flossen, hosselen (‘geld verdienen’), ietsepietsje, klotebaan, lekken (‘informatie laten uitlekken’), en tig.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

hosselen op illegale wijze geld voor drugs verkrijgen 1984 [GVD] <Surinaams-Nederlands

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

hosselen (← Sur. ← Am.-Eng. to hustle ← Ned. hutselen), op illegale wijze aan geld komen, geld bijeenscharrelen, om drugs te kopen. Meer concreet: met straatdealen of andere minder legale manieren in zijn levensonderhoud voorzien.

Toen in de loop van de jaren zeventig de immigratiegolf uit Suriname op gang kwam breidden die kringen zich snel uit met werkloze Surinamers. Velen van hen kwamen aan het geld voor hun heroïne door te ‘hosselen’, dat wil zeggen door allerlei legale of illegale activiteiten zoals bijvoorbeeld het op kleine schaal dealen in heroïne. (Ton van de Berg, Maria Blom en Mr. A. de Graaf Stichting: Tippelen voor dope, 1987)
Als P. inderdaad een modale Rus is, en niet het uitzonderlijke geval waar ik hem in het begin voor hield, dan kan de crisis nog wel even duren, want jongens zoals hij kunnen maar één ding goed, en dat is ‘hosselen’. (Emma Brunt: Een Rus over de vloer, 1992)
Het woord ‘hosselen’ betekent het op schimmige wijze bemachtigen van geld, om er vervolgens drugs mee te kopen. (Hans Brouns: Zeedijk. Ooggetuigenverslag van een buurtbewoner, 1993)
Werkloze Surinamers met een traditie van informele straathandel, het zogeheten hosselen, namen heroïne in hun pakket op. (Sietske Altink: Handel in hartstocht. Het prostitutiebedrijf in Nederland, 1995)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut