Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

homeopathie - (bepaalde geneeswijze)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

homeopathie zn. ‘bepaalde geneeswijze’
Nnl. homoiopathie ‘zekere geneeswijze’ [1824; Weiland], vaak gespeld met homoeo- [1833, in een boektitel; Picarta] en al vroeg ook met homeo- [1852, in een brochuretitel; Picarta].
Internationaal neologisme, in 1796 in het Duits geïntroduceerd als Homöopathie door de arts en apotheker Samuel Christian Friedrich Hahnemann (1755-1843) en gevormd op basis van Grieks homoĩos ‘gelijksoortig, gelijkend’ (afgeleid van homós ‘gelijk’, zie → homo-) en páthos ‘gevoel, leed, ziekte’, zie → pathos; met in het achterhoofd ongetwijfeld ook de al klassiek-Griekse samenstelling homoiopathḗs ‘gelijke ervaringen hebbend’.
Volgens de leer van Hahnemann kan een zieke worden genezen door het toedienen van een middel dat, wanneer het in een grotere dosis op een gezond mens zou worden toegepast, gelijksoortige symptomen zou veroorzaken als die van de te bestrijden ziekte. De leer van Hahnemann wordt in het Nederlands ter verduidelijking ook wel klassieke homeopathie genoemd, onderscheiden van andere alternatieve geneeswijzen.
De spelling met homoeo-, traditioneel onder classici, concurreert met de spelling homeo-, die beter aansluit bij de gangbare Nederlandse uitspraak en bij de Franse en Amerikaans-Engelse spelling. Homeopathie wordt door WL 1954, het Groene Boekje, als voorkeurspelling werd genoemd en in WL 1995 als enige officiële spelling erkend. In de tweede helft van de 20e eeuw krijgt deze spelling dan ook de overhand, maar in de praktijk heeft het homoeopathie vooralsnog niet helemaal kunnen vervangen, ook niet in officiële publicaties.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

homeopathie [geneeswijze] {1824} < hoogduits Homöopathie, door de Duitse arts Christian Friedrich Hahnemann (1755-1843) gevormd van grieks homoiopatheia [vatbaarheid voor gelijke indrukken], homoiopathès [met gelijke ervaringen, zich bevindend in dezelfde toestand], van homoios [gelijk] + -pathie.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

homeopathie (Duits Homöopathie)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

homeopathie ‘geneeswijze’ -> Indonesisch homéopati ‘geneeswijze’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

homeopathie geneeswijze 1824 [WEI] <Duits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut