Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

herkomst - (oorsprong, afkomst)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

herkomst zn. ‘oorsprong, afkomst’
Mnl. hercompst ‘afstamming’ in lynye der hercompst als vertaling van Latijn genealogia [1477; Teuth.]; vnnl. van vvyde hercomst ‘van verre oorsprong’ [1615; WNT voor II]; daarnaast ook in de nu verouderde betekenis ‘oude gewoonte’: vnnl. haercoempst ‘oude gewoonte’ [1500-45; MNW], naar ouwde herkoomst [1642; WNT].
Afleiding, naar het model van → komst, bij → komen, van een verouderd werkwoord hercomen ‘afkomstig zijn, vandaan komen’ [1423-73; MNW], waarvan men wel ontlening aan het Duits veronderstelt (ohd. heraqueman, mhd. herkomen, nhd. herkommen), maar dat eerder al verschijnt in dat van indus comet hare ‘dat uit Indië vandaan komt’ [1287; CG II, Nat.Bl.D] en dus ook heel goed een inheemse vorming kan zijn. In elk geval is het gevormd met een eerste lid → her ‘hierheen’, dat in het Middelnederlands nog veelal als haer of hare voorkomt. Voor het zn. is ook invloed van Middelnederduits hērkum(p)st ‘afkomst; gewoonte, gebruik’ denkbaar (waaruit nhd. Herkunft [16e eeuw; Pfeifer]).
Voor de betekenis ‘oude gewoonte’ is ontlening aan het Middelnederduits zeer wrsch.; het Hoogduits heeft voor deze betekenis het zn. Herkommen, dat overigens ook door het Nederlands werd ontleend (mnl. haer- heercom(m)en, vnnl. herkomen), maar reeds lang verouderd is.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

her- II prefix, reeds mnl. Alleen ndl. In sommige gevallen = her I, bijv. mnl. hercōmen “herkomstig zijn”, als znw. o. = “gebruik, gewoonte, gewoonterecht”; van dit ww. hercomst v. “id.”, nnl. herkomst “id., afkomst”, mnl. komt ook de spelling haer-, heer- voor. In andere gevallen is her-, misschien onder invloed van her I, voor andere prefixen (er-, ver-) in de plaats gekomen. De oudere geschiedenis van dit prefix bevat nog veel duisters. Veel woorden met her-, ook van de reeds mnl., zijn van geleerden oorsprong. Vgl. herademen, herboren, herdenken, herhalen, herinneren, herkauwen, herkennen, herleiden, hernemen, hernieuwen, herroepen, herscheppen, herstellen, hervatten, hervormen, herzien.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

herkomst ‘oorsprong, afstamming’ -> Deens herkomst ‘oorsprong, afstamming’ (uit Nederlands of Nederduits); Noors herkomst ‘oorsprong’ (uit Nederlands of Nederduits); Zweeds härkomst ‘oorsprong, afstamming’ (uit Nederlands of Nederduits).

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut