Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

heerschappij - (bestuur, macht)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

heerschappij zn. ‘bestuur, macht’
Mnl. herscap ‘macht, bewind, zeggenschap’ [1200; CG II, Servas], herscap driuen ‘bewind voeren, heersen’ [1240; Bern.], herscappie ‘macht, bewind’ [1285; CG II, Rijmb.].
Gevormd met het achtervoegsel → -schap bij het zn.heer 1 ‘belangrijke man’, later met toevoeging van een achtervoegsel dat abstracte zn. vormt. Dat laatste gebeurde vermoedelijk ten behoeve van betekenisonderscheid: mnl. he(e)rscap had ook een concrete betekenis ‘grondgebied waarover geheerst wordt’ en een collectieve betekenis ‘de machthebbende heren’, betekenissen die heerscapie niet kreeg.
Os. hērskepi (mnd. hērschap > nzw. herrskap ‘echtpaar’); ohd. hērscaf(t) (nhd. Herrschaft); ofri. hērskipi.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

heerschappij znw. Afl van heerschap. Mnl. heerscapîe, heerscepîe, heerscappîe v. “heerschappij, heer, heerlijk gebied”. = mnd. hêrschoppîe v. “heerschappij, heer”.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut