Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

hasjiesj - (hars van de hennepplant)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

hasj(iesj) zn. ‘hars van de hennepplant’
Vnnl. misschien nog Arabisch, in noemen die AEgiptenaren Assis, 'tvvelck is poyer van Kennep ofte Hennep bladeren, met vvater tot een pasta ofte deegh ghemaeckt [1596; van Linschoten]; nnl. in het Oosten heet dit bedwelmende vocht Hrachich [1838; Heldring], hasjisch [1847; Kramers], haschisch [1869; WNT Aanv.], hadschisch [1903; WNT Aanv.], hasjiesj [1921; Koenen], hasj [1968; Reinsma 1975].
Ontleend, in de huidige vorm wrsch. via Frans haschisch, aan Arabisch ḥašīš ‘id.’.
Hasjiesj is de hars van de Indische hennep (Cannabis sativa of Cannabis indica), die oorspr. in Zuidoost-Azië groeide (zie ook → hennep, → cannabis en → canvas). De bedwelmende werking ervan wordt al in het Sanskrit beschreven, het genotmiddel heet daar bhanga, met vele representanten in de moderne Indische talen en sinds de 16e eeuw ook in de Europese. Bij de Grieken en de Romeinen was het middel onbekend, hoewel Herodotos (5e eeuw v. Chr.) het beschrijft in een verslag over de Skythen. In de Arabische wereld kreeg het wel grote bekendheid; de vertellingen van 1001 nacht, geschreven tussen 1000 en 1700, bevatten vele vermeldingen van de consumptie van ḥašīš. In de West-Europese talen komt het Arabische woord vanaf de 16e eeuw voor in reisbeschrijvingen. Het citaat uit 1596 is afkomstig uit de Itinerario van Jan Huijgen van Linschoten, een verslag van een reis langs diverse continenten; hij schrijft dat men in Turkije en Egypte drie soorten bangue had, de eerste daarvan is Assis. Van een Europese hasjiesjcultuur is pas sprake in de 19e eeuw, vooral onder kunstenaars en intelligentsia; de in 1821 verschenen Confessions of an English Opium-eater van Thomas de Quincey en de Franse vertaling daarvan speelden daarbij een belangrijke initiërende rol. Dan verschijnt ook de op het Frans gebaseerde Nederlandse vorm haschisch, die later vernederlandst werd tot hasjiesj. Het citaat uit 1838 van dominee O.G. Heldring (1804-76) verschijnt in een brochure De jenever erger dan de cholera, waarin hij de productie, het gebruik en de gevolgen van hrachich ‘hasjiesj’ beschrijft, maar hij spreekt daarbij uitsluitend over Arabische landen; de vorm hrachich staat overigens geheel geïsoleerd.
In de jaren 1960 bloeide de consumptie van hasjiesj op en toen werd het woord algemeen bekend, het neologismenwoordenboek van Reinsma vermeldt het in 1962 in de vorm hasjiesj. Vrijwel meteen ontstond ook de verkorte vorm hasj in navolging van de Engelse verkorting hash [1959; OED].
Lit.: O.G. Heldring (1838), De jenever erger dan de cholera, Arnhem

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

hasjiesj [bedwelmend genotmiddel] {hrachich 1838} < arabisch ḥashīsh [(collectief) gras, kruiden, hooi, hasjiesj].

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

hasjisj s.nw.
Oosterse bedwelmingsmiddel wat van die makdaggaplant verkry word.
Uit Ndl. hasjiesj (1838) of dalk Eng. hashish (1598).
Ndl. hasjiesj en Eng. hashish uit Arabies ḥashīsh 'droë kruie, hooi, die verpoeierde droë blare van hennep, die dwelmmiddel hieruit berei'.
D. Haschisch (19de eeu), Fr. haschisch.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

hasjiesj (Arabisch ḥašīš)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

hasjiesj ‘bedwelmend genotmiddel’ -> Sranantongo asisi ‘bedwelmend genotmiddel’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

hasjiesj bedwelmend genotmiddel 1838 [Heldring, De jenever erger dan de cholera] <Arabisch

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut