Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

halm - (stengel)

Etymologische (standaard)werken

Diverse auteurs (2011-), Etymologiewiki

Reeds het landrecht van Thorn uit 1180 (echter kopie 1295) meldt de uitdrukking "mitt halm ende mit monde", zie [1].

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

halm zn. ‘stengel’
Mnl. halme ende wetlike ghifte ‘halmen en wettelijke weggave’ [1268; CG I, 117], die dat halm suect int stroe ‘wie de halm zoekt in het stro (= wie nutteloos werk doet)’ [ca. 1325; MNW].
Os. halm (mnd. halm); ohd. halm ‘halm’ (nhd. Halm); oe. halm ‘halm, stengel’ (ne. haulm, halm ‘id.’, thans meestal als collectief ‘restant, stengels, stelen e.d., van gecultiveerde gewassen’); on halmr ‘stro’ (nzw. halm); < pgm. *halma- ‘halm’.
Verwant met: Latijn culmus ‘halm’; Grieks kálamos ‘riet’ (waaruit door ontlening Latijn calamus ‘riet; rietfluit’, zie → schalmei, en via het Arabisch ook Sanskrit kaláma- ‘schrijfriet’); Lets salms ‘stro’; Kerkslavisch slama ‘stro’ (Russisch solóma, Tsjechisch sláma); < pie. *ḱolh2mo-, *ḱlh2emo- ‘halm, riet’ (IEW 612).
De halm is lange tijd een rechtssymbool geweest. Het overhandigen van een halm stond symbool voor het officieel afstand doen van een verkocht, geschonken of verpand goed; meestal was dit onroerend goed, maar het kon ook een erfenis zijn. In de eerste vermeldingen wordt het woord steeds op deze manier gebruikt, wat ongetwijfeld te maken heeft met de aard van deze middeleeuwse teksten: ambtelijk, en niet over het dagelijks boerenbedrijf handelend. Het wegwerpen gaat overigens altijd gepaard met een zogenaamde gifte, een overdracht van een onroerend goed in de voorgeschreven vorm; steeds wordt dan de verbinding halme ende (wetlike) ghifte gebruikt.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

halm* [stengel van gewas] {1268} oudsaksisch, oudhoogduits halm, oudengels healm [halm], oudnoors halmr [halm, stro]; buiten het germ. latijn culmus [stro, halm], grieks kalamè [(stro)halm], lets salms [strohalm], oudpruisisch salme [stro], oudkerkslavisch slam [stro].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

halm znw. m., mnl. halm, os. ohd. halm, oe. healm (ne. halm) ‘halm, stengel’ on. halmr ‘halm, stengel, stro’. — gr. kálamos ‘riet’, kalámē ‘strohalm’, osl. slama, lett. sal̃ms ‘strohalm’, opr. salme ‘stro’ (kymr. calaf is ontleend < lat. calamus) (IEW 612).

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

halm znw., mnl. halm m. o. = ohd. (nhd.) os. halm m., ags. healm o. (eng. halm) “halm, stengel”, on. halmr m. “id., stroo”. Een reeds idg. woord: vgl. kymr. calaf “riet, stengel”, lat. culmus “halm”, gr. kálamos “riet”, kalámē “stengel, halm”, russ. solóma, serv. slȁma, opr. salme “stroo”, lett. salms “stroohalm”. Verwant is nog oi. çila- “aar die op het veld is blijven liggen, en het oprapen daarvan”.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

halm m., Mnl. id., Os. id. + Ohd. id. (Mhd. en Nhd. id.), Ags. healm (Eng. halm, haulm), On. halmr (Zw. en De. halm) + Gr. kálamos = riet (waaraan Skr. kalamas en Lat. calamus ontleend zijn), Lat. culmus = riet, Osl. slama, Ru. soloma, Lett. salms = stroo, van denz. wortel als helen.

Thematische woordenboeken

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Halm is verwant met ’t Lat. calamus = riet en dit met culmen = spits, top, uitsteeksel (vgl. culmineeren); ook hals brengt men tot dit grondwoord, als uitstekend lichaamsdeel. – Halsstarrig is star (stijf) van hals, vgl. hardnekkig; en omhelzen = om den hals vatten.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

halm ‘stengel; (verouderd) overdracht van vermogen, gesymboliseerd door het wegwerpen van een stengel’ -> Frans dialect † halm ‘overdracht van vermogen’; Frans dialect hinne(s) ‘strolaag; afval’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

halm* stengel van gewas 1268 [CG I1, 117]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut