Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

Haar - (geografische naam)

Thematische woordenboeken

G. van Berkel & K. Samplonius (2018), Nederlandse plaatsnamen verklaard

De Haar1 (Assen, D)
1851-1855 De Haar1, 1866 De Haar2, 1936 Haar (De)3; haar 'zandige rug'.
Lit. 1GHAN 2 69, 2Kuyper Assen, 3LAN 132.

De Haar2 (Berkelland, Gl)
1867 De Haar1, 1899 Haar (De)2; haar 'zandige rug'.
Lit. 1Kuyper Ruurlo, 2Pott 120.

De Haar3 (Bunschoten, U)
Water: 1560 de haerse wetering1, 1772 de Haar2, 1839-1859 de Haar3; haar 'zandige rug'. De Haarsche Wetering is gegraven vóór het einde van de 12e eeuw4.
Lit. 1HG A 11 14, 2Tegenwoordige Staat 11 246, 3GHAN 1 49, 4Dekker e.a. 1995 53.

De Haar4 (Coevorden, D)
1521 de halve Har1, kopie 1597 op die Haer2, 1845 Haar3, gebied: 1851-1855 De Haar4, gebied: 1867 de Haar5; haar 'zandige rug'.
Lit. 1NGN 5 (1901) 65, 2Cartago coe0867c, 3Van der Aa 6 537, 4GHAN 2 108, 5Kuyper Coevorden.

De Haar5 (Hardenberg, O)
1868 de Haar1; haar 'zandige rug'.
Lit. 1Kuyper Hardenberg.

De Haar6 (Westerkwartier, Gr)
1465 up der haer1, 1470 up der Haer in den karspel van Marum des landes van Vredewolt2, 1476 up de haer3, 1493 op de haere inden karspel to marum3, 1567 na de Haer3, 1781 de Haar4, 1851-1855 De Haar5, 1866 De Haar6, 1936 Haar (De)7; haar 'zandige rug', hier ter aanduiding van een hoge zandstreek.
Lit. 1De Vries 1946 31, 2Cartago kla0531, 3De Vries 1946 31, 4krt Beckeringh, 5GHAN 2 53, 6Kuyper Marum, 7LAN 132.

De Haar7 (Hoogeveen, D)
1936 Haar (De)1; haar 'zandige rug'.
Lit. 1LAN 132.

†De Haar8 (Utrecht, U)
1398 Jan Winter, wonende upten Haer1, 1665 Haer2, 1844 de Haar3, 1913 Haar (De)4; haar 'zandige rug'.
Lit. 1Van Mieris III 675, 2krt Blaeu, 3Van der Aa 5 77, 4Pott 142.

De Haar9 (Utrechtse Heuvelrug, U)
1712 De Haar1, 1839-1859 de Haar2, gehucht: 1913 Haar (De)3; haar 'zandige rug'.
Lit. 1krt Van Broeckhuijsen, 2GHAN 1 62, 3Pott 142.

Ter Haar (Westerwolde, Gr)
Uitspraak: ter haor. 1474 de hare1, 1482 de Har2, 1506 die Haer3, 1559 de Har4, 1615 huis ter Haar5, 1634 Ter haar6, ca. 1660 Ter haar7, 1781 Ter Haar8; Betekent op de haar 'zandige rug'.
Lit. 1NGN 7 (1930) 18, 2Cartago fal044, 3Idem fal061, 4Idem fal122, 5De Vries 1946 31, 6krt Hondius, 7krt de Wit, 8krt Beckeringh.

Hosted by Meertens Instituut