Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

groene specht - (vogelsoort)

Thematische woordenboeken

K.J. Eigenhuis (2004), Verklarend en etymologisch woordenboek van de Nederlandse vogelnamen, Amsterdam

Griene Spjocht Officiële friese naam voor de Groene Specht ↑, in letterlijke vertaling [Boersma 1972]. In De Vries 1928 is de eerste keus friese naam voor de soort: Houtspjucht, en daarna “Grienspjucht ef Griene Spjucht”, maar bij De Vries 1911 was dit andersom.

Groene Specht Picus viridis Linnaeus 1758. Vrij forse Spechtensoort die een overwegend groene indruk maakt. In de Lage Landen is hij vrij goed bij de mensen bekend, al is de Grote Bonte Specht momenteel bekender en talrijker. Houttuyn 1762 (p.380) noemt hem bij de naam als in het lemma, en vermeldt: “Deeze is de algemeenst bekende, in ons Wereldsdeel, onder de Spechten” en verder “Hy wordt ook wel groengeele, ja zelfs geele Specht genoemd, om dat zyn groene kleur, min of meer, naar ’t geele trekt.”
Omdat Houttuyn aangeeft dat deze Spechtensoort de bekendste is, en omdat hij ook inderdaad in veel opzichten opvalt (ook vocaal!), zal de Groene Specht ook al eerder dan c.1762 een N naam gehad hebben. Maar misschien was dit wel ‘Specht’ (zonder meer), een ‘naam’ die de VK (c.1618) noemt, met als Lat vertaling: Picus. Ook noemt dit werk de vogelnaam “boom-bicker” (p.136) met als Lat vertaling: “Calidis. genus auis”. Hiermee zou de Groene Specht bedoeld kunnen zijn, maar misschien toch eerder de Boomklever ↑. Ook de volksnamen Waterspecht en Watterkalf ↑, beide voor de Groene Specht, zijn misschien al heel oud, en zouden vroeger de gangbare naam voor deze geweest kunnen zijn.
Jonston 1660 geeft op Tab.41 twee afbeeldingen van de Groene Specht (of mogelijk is één de Grijskopspecht, ↑), met de Lat naam Picus Viridus en de D, Grijn Specht (lees: Grün Specht). De D naam stamt van Gesner 1555, of van Eber & Peucer 1549, die meenden dat D/mhd gruenspecht misschien met Lat Merops (naast ook met Galgulus) verbonden moest worden [Scherren in Sharpe 1907]. Adriaan Collaert beeldde in zijn Avium vivae icones (c.1598) Groene én Grote Bonte Specht af, zonder echter namen te vermelden [Brouwer 1953 p.11,12). De Groene Specht staat ook afgebeeld op het drieluik ‘De Tuin der Lusten’ (1503-1504) van Hieronymus Bosch (zonder naam erbij uiteraard).

H. Blok en H.J. ter Stege (2008), De Nederlandse vogelnamen en hun betekenis, 4e editie, Leidschendam

GROENE SPECHTPicus viridis
Duits Grünspecht
Engels Green Woodpecker
Frans Pic vert
Fries Griene Spjocht
Betekenis wetenschappelijke naam: groenachtige specht. Groen is de kleur die het eerst bij deze vogel opvalt en ook in andere streken zo is vastgelegd: Grune Spechte (Ach), Groenspecht, Gruinspecht (Gr) en Grien-spjucht (Fr). De naam Grote Groene Specht duidt er waarschijnlijk op dat men de vogel wil onderscheiden van de kleinere maar ook groene Grijskopspecht. Wegens het hakken in bomen staat hij bekend als Boomhakker en meer in z’n algemeenheid als Houtspecht (Lb, ONB), Houtspjocht (Fr) en in Vlaanderen als Oetspicht en Klopper. “Werken als de Groene Specht” is een Vlaams gezegde wanneer de spaanders eraf vliegen, dit dankzij zijn ‘ijzeren snavel’ zegt men bij Luik, want daar heet hij zo: Betch’fier. De luide hoge roep wordt met lachen dan wel met hinniken vergeleken. Met de naam Meerts Veulen (Lb) heeft men z’n activiteit in het vroege voorjaar (maart) aangeduid. Een Engelse volksnaam luidt Nicker-Pecker ofwel ‘lachende hakker’. In onze tijd is die vrolijkheid in een serie tekenfilms “Woody the Woodpecker” uitgebeeld. Maar hij kreeg ook de naam Paljas omdat sommigen hem een aansteller vinden. Vooral in het buitenland wordt de Groene Specht als ‘regenvogel’ gezien, want z’n roep klinkt voor een regenbui helderder dan gebruikelijk en dus heeft de specht voorspellende kracht. Daarom heet hij in Vlaanderen ook Waterspecht en zegt men “Als de specht roept giet-giet-giet bedriegt hij u niet”. Een Nederlands gezegde luidt “Als de specht lacht, regen verwacht”. De naam Watterkalf (ONB) verwoordt de ziekte waterzucht; men heeft dan een gezwollen buik. Ook spechten maken de indruk zo’n buik te hebben.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut