Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

griek - (scheldwoord)

Thematische woordenboeken

M. De Coster (2007), Groot scheldwoordenboek: van apenkont tot zweefteef, Antwerpen

Griek: 1) (Bargoens, verouderd) valsspeler, bedrieger. O.a. bij De Beer & Laurillard. Ook in het Frans (un Grec) als scheldwoord (o.a. bij H. de Balzac en M. Pagnol).

‘Honderd daalders!’ riep Joan verontwaardigd: ‘die Griek! die smous! een paard dat de helft meer waard is.’ (Jacob van Lennep, De pleegzoon, 1833)

2) (verouderd) nors, onvriendelijk persoon; knorrepot.

Hoe komt uwe zoete Vriendin aan zo een stoethaspel! er is geen lekkere beet aan dien geheelen Gerrit van Oldenburg. … Hy is een regte Griek. (E. Bekker, Wed. Wolff: Historie van den Heer Willem Leevend, 1784-1785)

3) (Bargoens) homoseksueel. Zo iemand noemt men ook schertsend een aanhanger van de Griekse beginselen. Het op zijn Grieks doen betekent ‘anaal coïteren’. Grieks staat voor: anaal verkeer, sodomie. Ook in het Engelse slang: Greek arts (culture, way). Historici schilderen de oude Grieken doorgaans af als ‘sociaal verdraagzaam’. Homoseksualiteit en pedofilie zouden algemeen aanvaard geweest zijn. Kortom, het oude Griekenland had een libertijns imago, tenminste volgens de meeste historici. De Griekse socioloog Nikos Vrissimtzis maakte echter brandhout van die stellingen. Volgens de auteur werden homoseksuelen door een wet geweerd van de agora, het centrale stadsplein waar iedereen elkaar ontmoette om handel te drijven of te discussiëren. Men kon een man destijds niet grover beledigen dan door te zeggen dat hij een breed achterste had, hetgeen verwees naar homoseksualiteit. Liefde tussen mannen werd weliswaar getolereerd maar mocht toch rekenen op harde kritiek. Vrissimtzis kwam tot die conclusie na een langdurige studie van klassieke teksten, inscripties en afbeeldingen. Seks werd door de oude Grieken beschouwd als een natuurlijk verschijnsel. Weliswaar waren er weinig of geen taboes, maar er bestonden wel sociale regels die het geslachtsverkeer aan banden legden. Zo werden pederasten zwaar gestraft. Mannelijke onderdanigheid kon niet, want de Griekse maatschappij was een patriarchaat bij uitstek. Griek als scheldwoord voor homoseksueel voor het eerst bij Endt (1974).

4) verouderd scheldwoord voor iemand die zich vreemd gedraagt; rare snaak.

Zijn edele nu dit hemd zoo krijgende, en dat ten eersten merkende, deed (daar hij immers wel een ander had kunnen eischen) als een wonderlijke Griek, gelijk hij was, hetzelve zoo aan, en ging er mede in de vergadering. (Cd. Busken Huet: Litterarische Fantasien en Kritieken, 1868-1885)

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

Griek (Latijn Graecus)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut